De trieste doortocht door de stad Eindhoven duurde verscheidene dagen, totdat Brabant, Zeeland en België zich eveneens onder de Duitse laars bevonden en de vreemde indringers zich overal stevig genesteld hadden.
Bron tekst: Analecta augustiniana provinciae Hollandicae, pagina 38, 01-01-1945 (Delpher)
Tekening Google AI is een visualisatie van de Duitse doortocht Eindhoven
Zondag 12 mei 1940 (Pinksteren)
Op deze onvergetelijke pinksterdag trokken de Duitsers Eindhoven binnen, dat tot open stad was verklaard. De eerste colonne arriveerde rond half negen in de ochtend. In de kerk ging alles gewoon door, ook de hoogmis.
De eigenlijke grote colonne kwam even later de stad in. Hun route was in hoofdzaak: Geldropseweg – Bilderdijklaan – Keizersgracht, en verder naar Strijp en Gestel, en zo richting de Belgische grens. Omdat de meesten van hen te voet waren, namen ze onderweg overal fietsen in beslag – uit winkels of van mensen die ze tegenkwamen – om zodoende eerder in Engeland te zijn.
Hadden ze honger of dorst, dan namen ze hier en daar wat ze nodig hadden, vaak zelfs zonder te betalen. Verschillende winkels in de stad waren tegen de avond dan ook leeggeplunderd. Maar hoe vermoeid de marcherende bendes ook waren toen ze Eindhoven bereikten, ze konden hun lied nog uit volle borst zingen: "Und wir fahren... gegen Engeland". Zo klonk het de hele ochtend door de stad, terwijl men in de kerken geestdriftig zong: "Veni, Sancte Spiritus... lava quod est sordidum... rege quod est devium..." ("Kom, Heilige Geest... was wat vuil is... leid wat is afgedwaald..."
Plattegrond van Den Elzent situatie 1940
De wijk Den Elzent in Eindhoven, gelegen in het stadsdeel Stratum, is officieel onderverdeeld in twee buurten: Noord en Zuid. De Dr. Schaepmanlaan vormt de scheiding tussen deze twee delen. Hieronder volgt een overzicht van de lanen die tot deze karakteristieke en sjieke wijk zoals die was in 1940.
Elzent-Noord
Bilderdijklaan
Elzentlaan
Jacob Catslaan
Jan Smitzlaan
Poirterslaan
Ruusbroeclaan
Tollenslaan
Vondellaan
Elzent-Zuid
Dr. Schaepmanlaan
Alberdingk Thijmlaan
Broerelaan
De Genestetlaan
Jonckbloetlaan
Ansichtkaart: Elzentlaan Eindhoven met zicht op de Joriskerk met verzetspastoor J.J.M. Sicking
Ansichtkaarten collectie Jan Spoorenberg.
De oorlogsjaren lieten ook in de wijk Den Elzent hun sporen na. De wijk bleef grotendeels gespaard voor grootschalige verwoestingen, maar verschillende huizen werden getroffen tijdens bombardementen op de stad. Panden werden gevorderd door de bezetter en Joodse inwoners werden gedwongen onder te duiken, te vluchten of werden vermoord. Diverse verzetsmensen waren in en vanuit de wijk actief.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog veranderde het rustige straatbeeld van Den Elzent ingrijpend. De Augustijnen, die hun pand aan de Kanaalstraat hadden moeten verlaten, vonden tijdelijk onderdak in villa's aan de Poirterslaan 29 en de Elzentlaan 42. Daar droegen zij ook missen op voor de buurtbewoners, een kamer was ingericht als kapel.
De bezetter nam een aantal huizen en vooral de grote gebouwen in beslag. Na de bevrijding en het vertrek van de Duitsers werden deze villa's vaak tijdelijk betrokken door Engelse militairen.
Zelfs het Stadswandelpark kreeg in deze periode een heel andere functie: een oude foto laat zien hoe er graan werd verbouwd om de voedselvoorziening op peil te houden.
Ook Philips, onlosmakelijk verbonden met Eindhoven, zocht naar veilige en praktische werkplekken. De Raad van Bestuur, o.a. O.M.E. Loupart vergaderde regelmatig in een villa aan de Poirterslaan 8, de woning van secretaris A. L. M. Claassen. De Duitse Wehrmacht verplaatste voorjaar '44 haar commandocentrum naar de wijk. Zo werden de statige huizen van Den Elzent tijdens de oorlogsjaren onverwacht het toneel van religie, bezetting, schaarste en bestuursbesluiten.
Hoewel de wijk Den Elzent relatief weinig schade opliep, vielen er wel bommen. Op 6 december 1942 en 19 september 1944 raakten onder meer het Sint-Joriscollege, delen van de Dommel, de omgeving van de Jacob Catslaan en een pand aan de Elzentlaan 18 beschadigd.
De wijk heeft zeker een aantal onderduikers gekend, maar hierover is slechts weinig informatie beschikbaar. Een van de mogelijke adressen is de Elzentlaan 35, waar Frans M. Penning als onderduikgever fungeerde. Aan wie hij onderdak bood, is onbekend.
Deze bovenstaande tekst is deels gebaseerd op het boek 100 jaar Den Elzent, pagina 48.
Ortskommandantur in villa "Den Elzent"
Villa Den Elzent aan de Bilderdijklaan 5 (nu 23) werd gebouwd in opdracht van Johannes Martinus Emilius Keunen (1876-1943), eigenaar van Lederfabriek Gebroeders Keunen. In 1941 vier Stanny Keunen en Jaty Nollen nog uitbundig hun verloving, zie film.
Na zijn overlijden op 8 november 1943 moest zijn weduwe, J.M.C.T. Schafthausen, halverwege 1944 de villa verlaten en verhuisde de familie naar de Poirterslaan 48. De Duitse bezetter vorderde het pand en vestigde er de Ortskommandantur. De laatste Ortskommandant, Hauptmann Schuurmann, vluchtte met zijn staf in allerijl op 17 september 1944.
Hierna gebruikten de geallieerden Villa Den Elzent. Vanaf 1947 tot 1950 werd het pand bewoond door zogenoemde oorlogsbruiden (war brides). Meerdere Engelse getrouwde vrouwen woonden daar terwijl hun mannen de naoorlogse zaken afwikkelden. Na 1950 kreeg het pand een kantoorfunctie en vestigde het bureau van de Eindhovense Sigarenindustrie zich er. Onder andere het pensioenfonds van het sigarenbedrijfsleven was er gevestigd. Het pand was toen nog voorzien van een rieten dak, zoals te zien is op de vooroorlogse foto. Een brand in mei 1961 verwoestte dit rieten dak. Brandweermannen gooiden ordners en losse stapels papieren vanaf het balkon zo de straat op; het was de enige manier om de administratie uit de brandende villa te redden.
In het voorjaar van 1944 vestigde de Ortskommandantur zich in Den Elzent. Zie het bord 'Ortskommandantur' bij de ingang van het gebouw. De Duitsers verplaatsten hun hoofdkwartier van de Parklaan 81 naar de Bilderdijklaan 5; tegenwoordig heeft dit pand huisnummer 23. De villa aan de Parklaan lag relatief dicht bij het spoor, dat steeds vaker het doelwit was van bombardementen. De Ortskommandantur fungeerde als het plaatselijk hoofdkwartier van de Wehrmacht. De organisatie werd in Nederlandse steden gevestigd om toezicht te houden op de inkwartiering van Duitse militairen en de vordering van roerende en onroerende goederen voor de Wehrmacht en andere Duitse instellingen in de stad. Naast Ortskommandantur was ook de term Wehrmachtskommandantur in gebruik.
Bij de bevrijding namen de geallieerde troepen dit pand en andere door de Duitsers gebruikte panden in bezit.
Het "geheime" bezoek van koningin Wilhelmina aan het bevrijde Eindhoven op 19 maart 1945.
Op de achtergrond villa Den Elzent Bilderdijklaan 23
"Nu het tegen de avond loopt, beginnen enkele Engelse eenheden een kamp in te richten, vooral in de Elzent. Onder het geboomte branden de kampvuurtjes. Hier en daar staat een Tommy zich te wassen of te scheren. En dan ... de lichtfakkels, terwijl het nog niet helemaal donker is, zie ik in Woensel fonteinen opspuiten; de eerste bommen vallen met daverend geweld." Fragmenten uit het dagboek van Ben Postma. Ansichtkaart met door AI ingetekende militairen en burgers.
18 september 1944: bevrijders voor villa Den Elzent. Een met netten gecamoufleerde en zwaarbepakte Britse Daimler Armoured Car van het A-Squadron van de Royal Dragoons op de Bilderdijklaan, 19 september 1944.
Fotograaf Ben Postma.
Op 18 september wordt Eindhoven bevrijd. De Amerikaanse parachutisten rukken, veelal te voet, op vanuit Son. Vanuit Aalst en Valkenswaard breken gepantserde Britse en Ierse eenheden door het laatste Duitse verzet. Hoewel ze verspreid over de stad opereren, zijn de eenheden vaak geconcentreerd in dezelfde gebieden.
Ben Postma schrijft op 19 september in zijn dagboek over het Elzentpark: "Nu het tegen de avond loopt, beginnen enkele Engelse eenheden een kamp in te richten, vooral in de Elzent. Onder het geboomte branden de kampvuurtjes (benzine e.d.). Hier en daar staat een Tommy zich te wassen of te scheren. De geur van lang ontbeerde eetwaren dringt mijn neus binnen. Radiomuziek klinkt uit de militaire vrachtauto’s. Ik wandel wat rond en maak kennis met een amateurfotograaf van de overkant. We praten heel wat af in de romantische omgeving van het park aan de Dommel. Romantiek en oorlog… Ik moet denken aan een cowboykamp uit een wildwestfilm. Kampvuur, zachte muziek, groepjes zacht pratende mensen, bomen en de Dommel die alles weerspiegelt. Plotseling zijn er alarmerende berichten! Iedereen moet van straat; de Duitse tanks rukken op naar Eindhoven voor een tegenaanval! Ook bij de Engelsen wordt alarm geslagen. Ik ga naar huis en ontmoet mijn collega Berggren, die vlak bij mij op kamers woont en even met mij meegaat naar mijn kamer. We zitten juist boven als plotseling alles licht wordt! Een hele ‘kerstboom’ van lichtfakkels hangt boven de stad. Een paar mensen roepen ‘Vuurwerk’, maar het lijkt meer op de onbehaaglijke dreiging van Duitse vliegtuigen. En dan die tanks! Vlug maak ik een foto van de lichtfakkels en dan, terwijl het nog niet helemaal donker is, zie ik in Woensel fonteinen opspuiten; de eerste bommen vallen met daverend geweld."
Tanks en pantserwagens van het Britse 2de Leger geparkeerd voor Parkhotel
Bron RHCe, foto: Arnold W.M. van der Heijden
Pagina 4 van de originele brief die Hank Wackwitz stuurde naar de bewoner van Jacob Catslaan 10.
Foto Elzentbrug, collectie Jan Spoorenberg.
In een brief aan de nieuwe bewoner van de Jacob Catslaan 10 schreef Hank Wackwitz in 1991 zijn herinneringen op. Hij en zijn familie woonden op dat adres van 1929 tot 1952.
In de nacht van 27 op 28 november 1940 vielen twee bommen op het terrein van het Sint-Joriscollege. Dit was op de hoek van de Jan Smitzlaan en de Jacob Catslaan, recht tegenover Jacob Catslaan 2. Ter plaatse stond een transformator voor de stroomvoorziening die de meeste scherven opving. Desondanks raakten veel glas-in-loodramen en dakpannen aan de voorzijde van de woning beschadigd. Het betrof een Duitse bom die na een aanval op Engeland voortijdig was afgeworpen. Het vliegtuig liet nog een tweede bom vallen. Dit bleek een tijdbom te zijn die enkele uren later ontplofte in de garage van de familie De Lange aan de Edenstraat 45.
Op 6 december 1942 viel er tijdens een luchtaanval op Philips een bom op de Elzentbrug die niet ontplofte. Een tweede bom viel in de Dommel; door de kracht van de inslag belandde een groot stuk stoeprand vanuit de rivier op het dak van de Jacob Catslaan 10. De dakerker aan de achterzijde van het huis moest daarna worden vervangen, evenals vele dakpannen.
Tijdens de Duitse luchtaanval op 19 september 1944 viel een duizendponder achter het huis aan de overzijde van de Dommel. Veel ruiten en dakpannen aan de achterkant van de Jacob Catslaan werden vernield. Een scherf sloeg dwars door de muur onder het serreraam en kwam in de eettafel terecht op nummer 10.
In het plantsoen in het verlengde van de Jacob Catslaan, aan de andere kant van de Jan Smitzlaan, stonden enkele munitiewagens die vlam vatten. Hierdoor werden er granaten door de hele buurt geslingerd. Eén granaat ontplofte op de oprit voor het keukenraam, dat uiteraard sneuvelde, en een tweede kwam neer op het dak boven de badkuip. Dit veroorzaakte een groot gat in het dak en vernielde talloze pannen.
Op nieuwjaarsdag 1945 zorgde een luchtgevecht tussen een Britse Spitfire en een Duitse Me 109 voor nog meer schade aan de dakpannen. Het Duitse toestel stortte uiteindelijk neer achter de Genneper Watermolen.
Bombardementschade op 19 september '44 aan het pand Elzenlaan 18. De ligging van het pand is voornamelijk aan de Jan Smitzlaan. Foto Barry Wonder / fotograaf onbekend in het boek "Bevrijding van Eindhoven".
dr. Louis Beel
L. Beel, in 1946 tot minister-president benoemd, voor zijn vertrek naar Wassenaar gefotografeerd bij zijn woning aan de Ruusbroecklaan 18 door de familie Notten-de Goede.
Van rechts naar links, mevrouw Beel-Van der Meulen, dr. L.J.M. Beel, zijn zoon Jos, de huishoudster, en zijn dochters Wies, Margriet en Marijke.
Foto: Collectie Notten, Gepubliceerd in B&W rond de Tweede Wereldoorlog in Groot-Eindhoven, auteur Frans Dekkers, uitg. 1992, ISBN 9062653634
Bovenste foto's: het geheime bezoek van koningin Wilhelmina aan het bevrijde Eindhoven op 19 maart 1945. Aan haar zijde staan minister L.J.M. Beel en burgemeester Verdijk.
Onderste foto: een bezoek aan koningin Wilhelmina in Engeland, februari 1945. Onder de aanwezigen uit Eindhoven bevinden zich Frits Philips, Hilda Verwey-Jonker, dr. ir. N.A.J. Voorhoeve en Beel (tweede van links).
Het verhaal over hun gevaarlijke reis naar Engeland en de volledige namenlijst van de aanwezigen zijn hier te vinden:
https://eindhoven4044.nl/6/Hilda_verwey_jonker.html
Voor zover nagegaan kan worden, woonden er in de wijk Den Elzent geen NSB-leden. Wel is er tijdelijk een NSB-vrouw vastgezet; zij verbleef op dat moment in het gezellinnenhuis aan de Alberdingk Thijmlaan.
Sinds 1932 woonde dr. Louis Beel in de wijk, aan de Ruusbroeclaan 18. Hij was een van de belangrijkste ambtenaren van de gemeente Eindhoven. Omdat hij niet onder het NSB-bestuur van burgemeester Pulles wilde werken, nam hij ontslag. Dit was tot opluchting van de NSB-burgemeester, die veel weerstand verwachtte van deze invloedrijke ambtenaar.
Ongetwijfeld zullen Beel na zijn ontslag regelmatig de dreigende woorden door het hoofd hebben gespeeld die Pulles in zijn installatierede tot hem en enkele andere ambtenaren richtte: ‘Ik hoop dat het hun niet berouwen zal.’ Beel was op het ergste voorbereid. Hij had in een diepe kast een schuilplaats laten maken en op zolder was een ontsnappingsluik aangebracht. Via dit luik kon hij naar de zolder van de buren op nummer 20 vluchten, de ongehuwde dames Lindner van wie hij de woning huurde. Wanneer hij vreesde te worden opgepakt als gijzelaar of verdachte, hield hij zich daar enkele dagen schuil. Beel werd namelijk bij onraad vooraf getipt door goede agenten en ambtenaren.
Op 17 augustus 1944 ontving Beel een oproep, ondertekend door burgemeester Pulles, om zich te melden voor graafwerkzaamheden op vliegveld Welschap. ‘Niet-nakoming van deze aanwijzing wordt gestraft door de Duitsche Weermacht’, luidde de waarschuwing. In diezelfde periode kreeg hij bericht van een PTT-medewerker die een telegram aan Seyss-Inquart had onderschept. Hieruit bleek dat plannen voor het oprichten van een nieuwe naoorlogse krant, waarbij Beel nauw betrokken was, waren uitgelekt. Er was nu alle reden om onder te duiken. Hij vond een adres via Louis de Bourbon, de door de Duitsers afgezette burgemeester van Oss, die zelf in Lith ondergedoken zat.
Enkele dagen voor de bevrijding keerde Beel op een fiets met houten banden terug naar Eindhoven. Hij trof zijn huis in ontredderde staat aan, nadat het enkele dagen door terugtrekkende Duitse militairen in beslag was genomen. De overburen op nummer 15, de familie Notten-de Goede, boden hem onderdak. Terwijl zijn gezin elders verbleef en zijn eigen huis onbewoonbaar was, maakte Beel de bevrijding van Eindhoven op 18 september 1944 bij zijn overburen mee. Samen met hen zat hij tijdens de angstige uren voor de bevrijding verscholen in de kelder. Na de luchtlandingen bij Son wist men dat de bevrijding nabij was. Met talloze andere Eindhovenaren juichten zij daarna op de Aalsterweg de geallieerde troepen van operatie Market Garden toe. De volgende dag moesten zij echter opnieuw de kelder in toen de Duitsers Eindhoven bombardeerden.
De zoon des huizes herinnert zich dat Beel graag hielp bij de dagelijkse beslommeringen; de toekomstige minister-president nam het aardappelschillen en het hakken van aanmaakhout voor zijn rekening.
Na de bevrijding maakte Louis Beel een indrukwekkende landelijke politieke carrière en diende hij diverse keren als minister-president.
Bron: Beel: Van vazal tot onderkoning door Lambert J. Giebels, 1995
Beel: minister van Binnenlandse Zaken van 23 februari 1945 tot 15 september 1947 Beel: minister-president van 3 juli 1946 tot 7 augustus 1948
Volledige biografie bij: https://www.parlement.com
Linksvoor zien we een deel van de Poirterslaan 8-12, met daarachter de tweekappers 4-6 die volledig met klimop zijn begroeid en daar weer achter de nummers 2-2A. Aan het einde ziet u het hoge dak van het laatste huis van de Jacob Catslaan (Villa Regina, nr. 14). Uiterst rechts op de foto, in de verte, steken de twee torens van de Catharinakerk boven de bebouwing uit.
Tekst: https://www.ihesm.com/eindhoven1934/elzent/
Ansichtkaart collectie Jan Spoorenberg
Architect A.M. Kuijper en zijn echtgenote J.J. Kuijper-van de Hucht woonden met hun gezin aan de Poirterslaan 7. Hoewel hun exacte bijdrage aan het verzet onbekend is gebleven, stonden zij beiden op de geballoteerde lijst van de Gemeenschap Oud-Illegale Werkers Nederland (G.O.I.W.N.). In het voorjaar van 1941 publiceerde de landelijke Koninklijke Vereeniging 'Oost en West', die de verbondenheid tussen West-Indië en Nederland benadrukte, een ledenlijst waarop zijn naam voorkwam. Opvallend is dat bijna de helft van de vijftien andere Eindhovense leden bekende verzetsmensen waren, onder wie I.J. van den Bosch †, G.H. Thal Larsen, M.F. Elkerbout †, A.J. Zoetmulder, J. van Vlijmen † en Th.H.M. van den Donk.
(Bij de bronnen, onderaan staat de volledige lijst van Eindhovense leden)
Bote van der Werf, hoofdinspecteur van politie, woonde aan de Poirterslaan 23. Op 6 maart 1942 werd hij door het Duitse gezag ontslagen vanwege zijn principiële en vaderlandslievende houding. Vervolgens werd hij op 13 juli 1942 in gijzeling genomen en tot 20 april 1943 geïnterneerd in Haaren en Sint-Michielsgestel. Na zijn vrijlating uit het gijzelaarschap dook hij tot aan de bevrijding onder in Tilburg. Op 7 december 1944 werd hij door het Militair Gezag belast met de waarneming van het ambt van commissaris van politie in Eindhoven. In 1946 volgde zijn benoeming tot hoofdcommissaris. Hij ging op 30 juni 1966 met vervroegd pensioen en overleed op 9 november van datzelfde jaar.
Meer bij: https://eindhoven4044.nl/8/politie-eindhoven-oorlogsjaren.html
Op 15 november 1942 kwam Feike Kooy, op aanraden van de 'foute' W. Dijs, als inspecteur van politie naar Eindhoven. Hij ging tijdelijk wonen aan de Poirterslaan 7. Kooy en zijn vrouw zaten in de illegaliteit. Hij had een centrale positie binnen het politieapparaat bij de Technische Verbindingsdienst; alle opdrachten kwamen hier per telex binnen. Hij onderhield goede contacten met mensen van Philips in het verzet. Hij liet 'King Kong' vastzetten en liet alle politieke gevangenen op het politiebureau vrij. Lees alles over hem bij:
https://eindhoven4044.nl/6/Feiko_Kooy.html
Elzentlaan
Ansichtkaart collectie Jan Spoorenberg
Huisarts K.E.W. Ebeling-Koning (geboren in 1905) woonde aan de Elzentlaan 40. Hij was actief in het artsenverzet. Met zijn echtgenote Helena Thiessen kreeg hij tijdens de oorlogsjaren twee dochters: Jolanda werd geboren in 1942 en Carolien op 28 januari 1944.
Mejuffrouw H.A.C. (A.) Thomassen, Elzentlaan 29, Elzentlaan 29, was tijdens de bezettingsjaren directrice van de Katholieke School voor Maatschappelijk Werk voor Meisjes. Later gaf zij leiding aan de Katholieke Sociale Academie in Eindhoven. Daarnaast was zij actief in de katholieke kinderbescherming en organiseerde zij jongerenkampen en internaten voor sociale jeugdzorg. In 1963 werd zij onderscheiden als Officier in de Orde van Oranje-Nassau. Ook Neeltje Luijendijk, gereformeerd verzet die dag een onderscheiding, zie foto Thomassen en Luijendijk.
C.F.M.C. (Cees) van Lotringen, Elzentlaan 17, was actief binnen het netwerk voor hulp aan geallieerde piloten. Hij verleende onderdak en transport aan neergestorte bemanningsleden van geallieerde vliegtuigen. Zijn ouders hadden een groot gezin met dertien kinderen.
Ebeling-Koning en Thomassen staan vermeld op de geballoteerde lijst van de G.O.I.W.N.; Van Lotringen is opgenomen in de lijst van pilotenhelpers.
Boy Thomann, Elzentlaan 1, was een Engelandvaarder. Na drie pogingen slaagde hij er in april 1944 in om Engeland te bereiken. Als boordschutter bij het 320 Dutch Squadron van de RAF leverde hij een actieve bijdrage aan de beëindiging van de Tweede Wereldoorlog. Het volledige verhaal is te lezen op: https://eindhoven4044.nl/6/Thomann.html
Kruising Elzentlaan en Jan Smitzlaan
H.A.J.M. (Henri) Spoorenberg, Tollenslaan 9, was werkzaam als GGD-arts. In 1943 weigerde hij voor de bezetter keuringen te verrichten voor de tewerkstelling in Zeeland. Dit kwam hem te staan op een celstraf van drie maanden in het politiebureau. Het merendeel van die tijd verbleef hij echter in een ziekenhuis, omdat hij zogenaamd ziek was geworden. Hij maakte deel uit van het artsenverzet. In 1961 werd hij benoemd tot Officier in de Orde van Oranje-Nassau. In Eindhoven is later een straat naar hem vernoemd: de Dr. Spoorenberglaan.
De neus-, keel- en oorarts J. (Jan) Venker woonde aan de Tollenslaan 1 (in 1938 bekend als huize 'de Rietvink'). Ook hij was actief in het artsenverzet.
Eindhoven, Jacob Catslaan, Elzentpark
Het Elzentpark
Ansichtkaart collectie Jan Spoorenberg
B. Diesbergen, Ruusbroeclaan 25, Stratum (afdelingschef N.V. Philips)
Theodorus H.M. van den Donk, Jan Smitzlaan 20 (rector van het Sint-Joriscollege)
J.A. van Gessel, Broerelaan 2 (hoofd van de Philips Gasfabriek)
Dr. Georg Carl E. Burger, Jacob Catslaan 13. Hij was bedrijfsarts, in 1941 omschreven als fabriekshygiënist bij N.V. Philips. Hij was actief in het artsenverzet en hielp mee met de financiering van het verzet via het Nationaal Steun Fonds (NSF)
Deze personen staan vermeld op de geballoteerde lijst van de G.O.I.W.N.
St. Joriscollege / St. Catharinalyceum.
Oorlogsschade Sint-Joriscollege.
Lees volledige verhaal over Joriscollege: https://www.eindhoven4044.nl/11/Joriscollege.html
Op 12 mei 1940 begon de bezetting van Eindhoven. Hoewel het schoolgebouw aanvankelijk niet werd gevorderd, maakten Duitse militairen direct aanspraak op de gymzalen.
In de nacht van 27 op 28 november 1940 werd het schoolterrein getroffen door twee bommen. Een daarvan verwoestte het middengedeelte van het gebouw, maar in januari 1941 was de schade alweer hersteld.
Vanwege een nijpend brandstoftekort moest de school soms de deuren sluiten. In die periodes werd er voor het onderwijs uitgeweken naar de Philips Bedrijfsschool. Vanaf 15 april 1943 verleende de school bovendien onderdak aan het GLE en het Augustinianum, waarvan de gebouwen door de bezetter in beslag waren genomen.
Op 4 september 1944 vorderden de Duitsers het pand alsnog. Het gebouw werd volgestouwd met stro en gebruikt als kwartier voor terugtrekkende troepen, waarna het tot de bevrijding leeg bleef staan.
Kort na de bevrijding, op 19 september 1944, werd de nieuwe gymzaal uit 1939 door een bom getroffen. In de dagen daarna fungeerde de school als opvang voor vluchtelingen, totdat op 22 september eenheden van het Divisional HQ van de 79th Armoured Division, onder bevel van Sir Percy C.S. Hobart, hun intrek namen.
Hierdoor was de school genoodzaakt uit te wijken naar diverse noodlocaties in de stad, waaronder het Sportfondsenbad, de trijpfabriek van Schellens & Marto, de sigarenfabriek van P. van Houts en het weeshuis aan de Don Boscostraat.
Het schooljaar 1944/1945 werd uiteindelijk afgesloten in de gymzaal. De leerlingen ontvingen hun diploma dat jaar zonder eindexamen te hebben afgelegd. Rector Van den Donk verbond hieraan de belofte om jaarlijks op 4 mei een tocht naar de militaire begraafplaats Woensel te organiseren om de gesneuvelde bevrijders te herdenken. Deze traditie hield stand van 1946 tot 1961.
Pas in augustus 1945 keerde de rust definitief terug en kon de school weer ongestoord gebruikmaken van het volledige gebouw.
Theo van den Donk (1889 - 1984)
Theo van den Donk was de eerste rector van het Sint-Joriscollege voor jongens en het Sint-Catharinalyceum voor meisjes. Deze twee scholen en geslachten werden streng gescheiden gehouden. Hij woonde van 1930 tot 1956 aan de Jan Smitzlaan 20; in dat jaar ging hij met pensioen. Tijdens de bezettingsjaren was hij actief in het verzet. Hij regelde tijdelijk onderdak voor Joodse onderduikers op de school en zal ook leerlingen geholpen hebben die gevaar liepen. Hij is daarom ook vermeld op de geballoteerde lijst van de Gemeenschap Oud-Illegale Werkers Nederland (G.O.I.W.N.). Van 1953 tot 1962 was hij gemeenteraadslid voor de Katholieke Volkspartij (KVP).
Elzentpark en de Dommel
Ansichtkaart collectie Jan Spoorenberg
Stella Ancona (6 oktober 1906), Ruusbroeclaan 21.
Julie Behretz (7 februari 1914), Broerelaan 9. Haar echtgenoot, de heer Schellens, was niet Joods.
Het gezin van Frans van den Bergh (4 november 1906) en Rika Hartog (juli 1914) verliet medio 1942 samen met hun driejarige dochter Madeleine de woning aan de Poirterslaan 13.
Het echtpaar Louis de Groot (3 mei 1878) en Mietje Israels (6 of 8 augustus 1892) week bij het uitbreken van de oorlog met hun twee zonen van 17 en 15 jaar tijdig uit naar het buitenland. Hun woning aan de Elzentlaan 42 werd vervolgens door de bezetter in gebruik genomen.
Samuel de Heer (1 december 1885), Jacob Catslaan 7.
Het gezin van Heinrich Herbert Maijer (12 juli 1907), wonend aan de Vondellaan 23, overleefde diverse concentratiekampen. Ook de andere bewoners van dit adres, Vera Marianne Maijer (9 april 1916) en Aline Wallach (11 september 1888), overleefden de oorlog.
Benjamin de Jongh (15 januari 1918) and Justina de Jongh (30 juli 1905) overleefden de bezetting in de onderduik. Hun ouders, die aan de Jacob Catslaan 14 woonden, werden verraden aan de Sicherheitsdienst (SD) en overleefden de kampen niet.
Maurits Hartog, wonend aan de Jacob Catslaan 8, stierf een natuurlijke dood op 31 augustus 1940. Zijn erfgenamen verkochten het huis na zijn overlijden.
Elzentpark
Ansichtkaart collectie Jan Spoorenberg
Het gezin De Jongh vond een onderduikadres bij Leendert de Wit (10-04-1901) en Leuntje Visser. Zij boden in hun woning aan de Koningin Julianalaan 2 in Waalre onderdak aan negen Joodse personen uit Eindhoven en Amsterdam. Dit adres werd op 5 of 6 juli 1943 verraden aan de Duitse Sicherheitsdienst (SD), die alle onderduikers vervolgens direct liet wegvoeren naar vernietigingskamp Sobibor. Onder hen bevonden zich bewoners van Den Elzent.
Samuel de Jongh en Regina de Jongh-Biederman kwamen beiden om in Sobibor. Zonder dit verraad zouden zij na de oorlog zijn teruggekeerd naar hun woning aan de Jacob Catslaan 14. Drie van hun vier kinderen overleefden de bezetting op een ander onderduikadres en werden na de oorlog waarschijnlijk door familieleden opgevangen. Hun oudste dochter, Eva, is eveneens in Sobibor omgekomen.
Lees het volledige verhaal over het verraad op:
https://www.eindhoven4044.nl/9/duikadressen.html
Zoek op: Koningin Julianalaan 2 Waalre.
Van de ongeveer tweehonderd jongens die in het Dommelhuis hebben verbleven, zijn er ongeveer honderd voor de Duitse inval naar veiligere oorden doorgereisd. Van de resterende honderd is ongeveer de helft omgekomen, zo schrijft Hilda Verwey-Jonker in haar autobiografie uit 1988.
Een viertal jongeren staat met het adres Jonckbloetlaan 13 vermeld bij Stichting 18 September. Zij werden kort voor het uitbreken van de oorlog naar Westerbork overgebracht, dat op dat moment nog een opvangkamp was voor Joodse vluchtelingen uit Duitsland. Na de bezetting werd het kamp door de Duitsers overgenomen en veranderde het in een berucht doorgangskamp naar de vernietigingskampen. Alle vier zijn vanuit Westerbork naar Auschwitz gedeporteerd en daar in 1942 of 1943 vermoord:
Hermann Werner Berger (geboren op 22 maart 1922)
Schaiya Oskar Rosenberg (geboren op 6 juni 1922)
Fritz Tannenwald (geboren op 20 juni 1924)
Werner Moritz Abraham (geboren op 16 april 1924)
Emile de Wolff (geboren op 18 februari 1917) woonde tijdelijk aan de Alberdingk Thijmlaan 18. Hij is op 12 oktober 1944 in Auschwitz omgekomen.
Generaal Wilhelm Bittrich overlegt tijdens de Slag om Arnhem met veldmaarschalk Walter Model (links) en generaal Harzer (9e SS Pantser Divisie) en generaal Harmel (10e SS Pantser Divisie.)
Foto: Budesarchiv door Google AI nagetekend met plattegrond van Den Elzent.
Vrijdag 1 september '44 begon de doortocht van het uit België vluchtende Duitse leger.
De zusters Ursulinen van het klooster aan de Kwartelstraat schrijven in hun dagboek: "Op 3 september was het op de speelplaats een onbeschrijfelijke chaos. Alle mogelijke soorten gecamoufleerde voertuigen volgepropt met Duitse troepen en alles wat ze meevoerden, onder andere ook kaalgeschoren Franse meisjes met hakenkruisen (getatoeëerd), veldkeukens, Rode Kruisauto's, alles stond vol. De meeste wagens waren erg gehavend. Op de Rode Kruisauto's was het rode kruis blijkbaar in de gauwigheid geschilderd en binnenin zaten dikke moffen met rode gezichten... van de angst of van het bier drinken? De veldkeukens waren blijkbaar nog van alles goed voorzien, want een uurtje later lag de hele speelplaats bezaaid met conservenblikken, biscuitdozen, visresten, broodkorsten en alle mogelijke en onmogelijke andere dingen. Veel soldaten zagen er moe en moedeloos uit, maar er waren er ook die allesbehalve vriendelijk waren."
Een anoniem dagboek schrijft: "Begin september '44 begon de massale terugtocht van de Duitsers. Uit West-Brabant, België en Frankrijk stroomden vluchtelingen toe. Een eindeloze colonne, vaak twee of drie rijen dik, haastte zich voort om zo snel mogelijk de Maas over te steken. Allerlei uniformen waren te zien, van diverse regimenten. Allerlei voertuigen trokken door de straten, volgeladen met Duitsers, Franse en Belgische politieke vluchtelingen, en alles wat de Duitsers hadden kunnen plunderen. Kippen, varkens, koeien en paarden werden als buit meegevoerd."
"Opvallend in deze dramatische stoet was de gejaagdheid waarmee iedereen zich voortbewoog. Alleen bij de oudere Wehrmacht-soldaten zag je soms groepjes die langzaam op de fiets aankwamen en hier en daar even stopten om uit te rusten. Deze mensen leken zich niets van de hele beweging aan te trekken; ze waren de oorlog moe. Toen de terugtocht begon, dachten we dat de geallieerden de volgende dag wel Eindhoven zouden binnentrekken, of anders de dag daarna. Maar het toont aan hoe weinig strategische kennis een leek heeft. Het duurde nog veertien dagen voordat we werden bevrijd."
Het boek is verkrijgbaar bij boekhandels Spijkerman en Van Piere en het Parktheater.
Eventueel te bestellen door een e-mail te sturen naar bestuur@denelzent.nl
De prijs bedraagt € 24,50 (exclusief verzendkosten).
Titel: 100 jaar Den Elzent 1925 - 2025
Dit boek telt 190 pagina's vol verhalen over de geschiedenis van de wijk. Daarnaast bevat het drie wandelroutes door de buurt met uitleg over de diverse villa's, de architectuur en de natuur. Het werk is rijk geïllustreerd met talloze foto's.
Website van wijkvereniging Den Elzent:
https://www.denelzent.nl
Op 8 januari 1948 verzocht het Commissariaat voor Oorlogsschade om informatie over de bewindvoerder van Elzentlaan 42. Voor de oorlog werd het pand bewoond door Joodse eigenaar L. de Groot, die na de bevrijding naar Bloemendaal was verhuisd. Ten tijde van deze brief was de aangifte van huurderving nog in behandeling, omdat De Groot officieel nog niet in zijn rechten was hersteld.
Postgiroafschrijvingen Elzentlaan 42 door de paters; de laatste maand is 125 gulden betaald aan postgiro 85121. De huur was 1200 gulden per jaar. Bron: NIOD-documenten.
Bronnen
Diverse kranten artikelen in www.delpher.nl
Informatie over bewoners Eindhoven: https://www.ihesm.com/eindhoven1934/elzent/
Boek: 100 jaar Den Elzent 1925 - 2025Meer informatie op https://eindhoven4044.nl
https://eindhoven4044.nl/4/namenlijst.html
https://www.eindhoven4044.nl/8/artsenverzet-eindhoven.html
https://www.eindhoven4044.nl/9/duikadressen.html
https://eindhoven4044.nl/8/politie-eindhoven-oorlogsjaren.html
https://eindhoven4044.nl/6/Hilda_verwey_jonker.html
https://eindhoven4044.nl/50/Herrijzend-Nederland.html
https://www.eindhoven4044.nl/10/postema.html
https://eindhoven4044.nl/3/pilotenhulp.html
https://eindhoven4044.nl/2/bevrijding_extra.htmlhttps://www.eindhoven4044.nl/11/Joriscollege.htmlAnsichtkaarten collectie Jan SpoorenbergGoogle Gemini AI is gebruikt voor tekstuele ondersteuning en visuele uitwerkingen: https://gemini.google.com
Huizen informatie: https://bagviewer.kadaster.nl
joods-vastgoed
* https://pointer.kro-ncrv.nl/eindhoven-erkent-rol-in-slechte-behandeling-joodse-inwoners-tijdens-tweede-wereldoorlogPDF document over 'Verkaufsbücher' daarin werd door de Duitse bezetter tijdens de Tweede Wereldoorlog geroofd Joods vastgoed geregistreerd, ivm De Heer /Bilderdijklaan 7. https://geldropmierlo.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/View/1b9235e4-00c0-4ce0-9f28-a056ad53ccc3 (aanklikken link download direct een PDF)Informatie Sint-Joriscollege:
https://parmantjoris.nl/wp-content/uploads/sites/12/2025/01/Historisch-archief.pdfOp 7 september 1941, tijdens de Tweede Wereldoorlog, vierden Stanny Keunen en Jaty Nollen hun verloving in Eindhoven, in de villa Den Elzent, Bilderdijklaan 23 (in 1941 huisnummer 5)Volledige film 14 min. https://brabantinbeelden.nl/verhalen/verloving-oorlogstijd
In 1944 vorderen de Duitsers deze villa.
https://www.ed.nl/eindhoven/oud-eindhovens-filmpje-uit-de-oorlog-duikt-op-hele-mooie-aanwinst-voor-ons-archief~a0c74a73/====In Eindhoven zijn diverse Ortskommandanten gestationeerd geweest:- Dr. Meier, Hauptmann (tot eind mei 1940, Hotel Du Commerce)- Leutnant Ritter van de Luftwaffe (tot eind juli 1940, Hotel Du Commerce)- Leutnant Walliser (tot 28 augustus 1940, Tramstraat 2)- Oberleutnant Sündermann (tot 18 september 1940, Hotel Old Dutch)- Major Klapp (tot 1 oktober 1943, Parklaan 81)- Hauptmann Schuurmann (tot 18 september 1944, villa Den Elzent, Bilderdijklaan 5, tegenwoordig nummer 23)
===============================
Ledenlijst, voorjaar van 1941 van de landelijke Koninklijke Vereeniging „Oost en West" met namen en adressen in Eindhoven:J. van Vlijmen, Gaailaan 5A. J. Zoetmulder, Parklaan 23M. F. Elkerbout, Aalsterweg 230A. H. Lugard, Kievitlaan 4H. Maarschalk, Uiverlaan 3Th. H. M. v. d. Donk, Jan Smitzlaan 20I. J. van den Bosch, Kievitlaan 15J. J. Haver Droeze, Merellaan 19L. L. C. Polis, Kievitlaan 2Ir. B. M. Woldringh, Fazantlaan 11C. E. Liesker, Poirterslaan 13W. N. J. Baekers, KempenheemA. M. Kuijper, Poirterslaan 7J. A. Biemans, Hotel SchimmelpenninckIr. G. H. Thal Larssen, Leeuweriklaan 20Ir. H. Hesselink, Parklaan 40