Houding tijdens de oorlogsjaren 1940 -1945
Kort na de oorlog verscheen een boekje over het verzet in Eindhoven. Het beschreef de strijd tijdens de bezetting, maar zonder namen te noemen en in vage bewoordingen. Het eerste hoofdstuk, getiteld "De Kerken", onderstreept hun belangrijke rol in de samenleving van toen. Hoewel het boekje weinig concrete informatie geeft, proberen we hier de rol van de kerken en hun verzetsleden te belichten.
Het boekje stelt: "De kracht van het kerkelijk verzet lag niet zozeer in het ondersteunen van onderduikers of het verbergen van Joden; hoewel het algemeen bekend is dat menige pastorie hiervan op de hoogte was." Het merkt ook op dat er geen details of cijfers over deze verzetsactiviteiten of het aantal slachtoffers binnen de kerk te vinden zijn.
Er wordt wel aangehaald dat de Rooms-Katholieke Kerk in 1934 al waarschuwde tegen de NSB. In een bisschoppelijke brief werd gesteld dat steun aan de NSB onverenigbaar was met de plicht jegens het volk. Vanaf 1935 verbood de kerk het lidmaatschap van de NSB en vanaf 1936 werden NSB-leden de sacramenten geweigerd. Tijdens de oorlog volgde excommunicatie.
De katholieke kerken waren stuk minder uitgesproken tegen het kleinere Zwart Front dat juist in Brabant veel aanhang had onder conservatieve katholieken.
Na 1935 keerden ook de gereformeerde kerken zich tegen de NSB. In 1936 verbood de synode van de Gereformeerde Kerk het lidmaatschap van zowel de NSB als de Christelijk-Democratische Unie. De Ned. Hervormde kerk heeft voor 1940 geen kerkelijk getuigenis uitgesproken tegen het nationaaal-socialisme of tegen de NSB.
De regering verbood begin 1933 beroepsmilitairen en leden van burgerwachten om lid te zijn van de NSB. In juli 1933 kwam het tweede kabinet-Colijn met een uniformverbod voor de NSB. In diezelfde maand werd ambtenaren het lidmaatschap van verschillende extremistische organisaties verboden, maar de NSB werd aanvankelijk van deze lijst weggelaten door ingrijpen van Colijn. Op 28 december 1933 werd de NSB alsnog toegevoegd, wat een klap was voor het imago van de partij als 'nette' politieke beweging.
Pastoor Schoenmakers met illegale zender.
PASTOOR SCHOENMAKERS heeft afgestemd op Londen. Het nieuws is ditmaal, zoals blijkt uit zijn vergenoegd gezicht, zeer bemoedigend. Vanuit de lamp ziet men den draad naar beneden komen waarmede de stroom bet toestel wordt ingeleid.
Onderstaande geestelijke personen onderhielden contact met onderduikers en zorgden voor bonnen, geld en via verzet aan persoonsbewijzen.
Veel van hun staan op de verzetsnamenlijst zonder dat bekend was welke functie ze hadden. Door het vergelijken van pastorie-adressen uit het telefoonboek 1943 en de namenlijst. Aantal geestelijken waren bekend doordat zij genoemd zijn in de P.A.N. documentatie of andere bronnen. Personen met een * worden hieronder uitgebreider beschreven. Extra informatie is welkom.
Kapelaan de Kroon (het Sieraad) Heilige Theresia parochie
Frater F.L. van Oort, Theresia kerk, Carmelitessenstraat 4
Kapelaan G.W. J. Roothans (schuilnaam Hans, de Zwart), Heilige Trudo parochie.
Kapelaan H. van Esch “De Steentjeskerk” Met schuilnaam "van Dorp".
* Pater Laurentius, met de schuilnaam "De Bruin" (H.C.F. Dusée) werkzaam in de Heilige Koenraad parochie, de Orde van Kapucijnen. Zijn contactpersoon was Egbert Wever (W19)
Kapelaan Theo van de Linden, Pastorie Stratum
Pastoor E.P.B. Odemaere, van de O.L.Vrouw van Lourdeskerk te Vlokhoven (Woensel)
* J. J. M. Sicking, Sint Jorisparochie heeft nauw contact met verzet tijdens de oorlogsjaren.
* Pastoor A. C. Schoenmakers Parochie van den H. Joseph in Tongelre, gaf toestemming voor plaatsing van de zender in zijn kerktoren.
* Kapelaan C. Zigenhorn, Parochie Heilig Hart.
* Pastoor Dr. L.J.L.W. (Lambert) de Gruijter, Parochie Heilig Hart. Lees ook verhaal Custers.
* Pastoor G.M. Hamers, een jaar vast gezeten als gijzelaar, komt november 1943 vrij. Hij was pastoor van de Gerardus Majellakerk
* Pastoor E. H. van Mol, Pastoor van Arskerk
J.F. Smulders, (kapelaan) Sint Josephlaan 58 (St Jozefkerk)
W.J. (Wilhelmus Joannes Maria) Croonen (1915-1963), op 18 mei 1940 tot kapelaan gewijd in Sint Lambertus pastorie
M.C. v.d. Ven, Hoogstraat 301 (adres Sint Lambertus pastorie)
H van Esch, St. Antoniusstraat 9 (adres Philipsdorp pastorie)
Pater J. S. J. Jansen, Kloosterdreef 31, (adres Sint Petrus pastorie)
Kapelaan H.J.W. Duren, van Kloosterdreef 31 (adres Sint Petrus pastorie)
P. L. J. M. Janssens, Kloosterdreef 31 (adres Sint Petrus pastorie)
* Dominee Gerrit Zeyl
* Cornelis (Kees) van Rij, hulpprediker
*Ds. H. J. F. Wesseldijk
*Hulpprediker A. C. J. van der Poel
Pater E. (Eustachius) Frantzen (Prior Augustijnen vanaf april 1940) Augustijnendreef 6
Pastoor Gerardus Martinus Hamers
2 april 1886 - 19 april 1957.
Pastoor Gerardus Martinus Hamers werd in mei 1941 bespioneerd door de NSB. In zijn preken tijdens de zondagsmis in de H. Gerardus Majella parochie was hij namelijk fel gekant tegen de Duitse bezetters en de NSB.
De toenmalige kringbeheerder, H.W. Seegers, die later in februari 1942 NSB-wethouder zou worden, gaf een NSB-lid de opdracht om een zondagmorgen in mei 1941 de preek van Hamers af te luisteren en te rapporteren wat er gezegd werd. Dit NSB-lid weigerde de opdracht en zegde direct zijn lidmaatschap op. De ex-NSB'er meldde deze gebeurtenis bij kapelaan Kavelaars, die in dienst was van de parochie.
Vermoedelijk is pastoor Hamers hierom door het NSB-college voor een jaar gegijzeld, vanaf 3 juli 1942. Pastoor G.M. Hamers heeft anderhalf jaar vastgezeten als gijzelaar in Beekvliet en Haaren en kwam 10 of 11 november 1943 vrij.
Pastoor J. Sicking (Den Bosch 17 juni 1894 - Tilburg 30 maart 1984)
Foto verbeterd met AI-tool
Medewerkers en kapelaans zijn:
M. J. J. M. Meyer, H. J. J. Simkens, J. A. B. Oude Vrielink, Ass.,
Dr. L. J. G. de Gruijter en H. J. M. van Pelt
In 1937 werd hij benoemd tot pastoor van de Stratumse Sint-Jorisparochie in Eindhoven. Hij zei over zijn parochie: "Elfduizend zielen, mensen van allerlei kaliber: middenstanders, zeer ontwikkelde en eenvoudige mensen." Vervolgens merkte hij op: "Een voordeel van Eindhoven: met de eerste stand kon je werken." Dit was een verouderde visie die stamde uit de middeleeuwen: een driestandenschema met de hoge geestelijkheid als eerste stand, de adel als tweede stand en het overgrote deel dat de rest van de bevolking uitmaakte als derde stand. Desondanks was hij niet erg oecumenisch ingesteld en alle kerkelijke vernieuwingen vond hij maar niets.
Hij was actief in het verzet tijdens de oorlogsjaren. Op 12 mei 1940, Pinksterzondag en de derde oorlogsdag, sprak Sicking vanaf de kansel de woorden: "Maar ik zeg u toe: zolang ik hier op de preekstoel sta, zult u de waarheid te horen krijgen. Ik zal het niet altijd even duidelijk kunnen zeggen, maar ik hoop dat u goed zult luisteren." Die zinnen waren ontleend aan Leonardus van Veghel, een martelaar van Gorcum uit de zestiende eeuw. Het gevolg was, volgens Sicking, dat de kerk elke zondag vol zat en dat veel burgemeesters hem om raad kwamen vragen. Hij waarschuwde dan: "Als je één tree van de ladder gaat, ga je helemaal."
In november 1941 werd het tijdschrift „De Pook”, maandblad voor onze voortrekkers, dat onder redactie stond van pastoor J. Sicking, door de Duitse bezetter verboden om in een bibliotheek of leesbibliotheek aan te bieden.
De Duitsers hielden hem vanaf 13 juli 1942 vast als gijzelaar en zetten hem gevangen in gijzelaarskamp Haaren. Op 11 januari 1943 werd hij naar het kamp Sint-Michielsgestel overgeplaatst, waar hij op 22 mei 1943 weer vrijkwam.
Sicking had hierna actief contact met verzetsgroep Eddy Verkaik en koerierster Louk van der Heijden. Hij helpt met de verspreiding van geld en bonnen en het zoeken naar vertrouwde onderduikadressen.
Nadat Eindhoven op 18 september 1944 bevrijd was en de bevolking een uitbundige dag had gevierd, volgde in de avond een hevig bombardement. Onmiddellijk na de beëindiging ervan gaf ik, als pastoor van de St.-Jorisparochie, aan elk van de drie kapelaans een busje met H. Olie, waarna ik de parochie in vier parten verdeelde en elk een kant uitzond, terwijl ik zelf het vierde deel voor mijn rekening nam. Na het priesterlijk werk in mijn rayon verricht te hebben, bleef ik nog tot een uur of drie op straat om te helpen mensen uit gevaarlijke huizen te halen enz. Toen ik thuiskwam vond ik daar de buren en ook een groepje Amerikanen, waaronder een journalist.
De volgende dag kwamen de parochianen massaal naar de gebedsstonde voor de slachtoffers: meer dan veertig parochianen en een Amerikaan, die in de pastorietuin gedood was door een bom waarvan de scherven tot in mijn slaapkamer waren doorgedrongen. Ik heb de biddende mensen gevraagd de volgende dag met de nodige gegevens over de slachtoffers naar de pastorie te komen. Daar hebben we toen alle personalia vergeleken, waarna we naar de plek zijn gegaan waar de slachtoffers waren ondergebracht, om alles te vergelijken en aan te tekenen.
Op de uitvaartdag brachten platte wagens alle kisten, waarvan er verschillende half open waren, naar de kerk. De krant Oost-Brabant, die toen voor het eerst uitkwam, meldde dat de pastoor met een bleek gezicht zegenend tussen de kisten doorging. Na de plechtigheid werden de kisten naar het kerkhof gebracht, waar ik sleuven had laten graven met de toeleg dat onmiddellijk geweten zou worden waar ieder was bijgezet. Maar hier was een fout gemaakt, men had de kisten niet met menie, maar met potlood en krijt getekend. Aangezien het juist begon te stiefregenen [motregen], bleef ik daarom nog tot een uur of twee meehelpen om te zorgen dat er geen fouten zouden worden gemaakt.
Sicking werkt mee aan de uitzendingen van Herrijzend-Nederland de nationale bevrijdingsomroep en actief betrokken bij de oprichting van de katholieke Krant Oost-Brabant, die na de bevrijding verscheen.
Dominee Gerrit Zeyl (1903-1983)
Foto https://gereformeerdekerken.info geoptimaliseerd met AI-tool
Zijn naam wordt ook als Ds. G. Zeijl geschreven
Dominee Gerrit Zeyl (1903-1983) was al in 1940 betrokken bij de ‘Lunterse Kring’ [PDF web.archive.org], die met name een principiële stelling nam tegen de ongehoorde Jodenvervolging. Tijdens de Duitse bezetting was de Gereformeerde kerk, Fazantlaan 17 / 19 (Pastorie Oost) een vergaderruimte en ook de kerk werd gebruikt voor bijeenkomsten van de LO (Landelijke organisatie voor hulp aan onderduikers). In augustus 1943 kwam verzetsman Jacques Hermans (P.A.N.) in contact met de LO. Er is dan een oprichtingsvergadering van de LO-Eindhoven in de consistoriekamer van de gereformeerde kerk. De SD komt erachter dat er in de kerk vergaderd wordt, en bij een Duitse inval moet de domineesvrouw, P. J. van Alphen (1910-2000), vluchten. Ze werd in haar eigen huis nagezeten door de Sicherheitsdienst. Ze klom uit het raam, enterde langs de dakgoot, liet zich langs de regenpijp zakken en ontkwam. Dominee Gerrit Zeyl en zijn vrouw duiken daarna onder.
Cornelis (Kees) van Rij (geboren 5 december 1915) was van november 1942 tot maart 1943 gereformeerd hulpprediker in Eindhoven. Kees werd in mei 1942 gearresteerd wegens het opkomen voor, ofwel het voorbidden voor, de Joden. Hij zat gevangen in het Huis van Bewaring te ’s Hertogenbosch, periode juni/juli in Kamp Amersfoort en in het ‘Oranjehotel’ te Scheveningen. Hij duikt ook onder na de SD-inval in Eindhoven en hij overleeft de oorlog.
De tuin van de pastorie bij de Gereformeerde kerk had verbinding met Lakerstraat 1, dat het verzamelpunt van het verzet was. Lees https://www.eindhoven4044.nl/10/Heijden.html
De gereformeerde kerk aan de Fazantlaan 17. Na de bevrijding van Eindhoven bezoekt Koning George VI op zondag 15 oktober 1944 deze kerk in het diepste geheim. Meer informatie op: https://www.eindhovenfotos.nl/6/Fazantlaan.html
Georganiseerd verzet van katholieken en protestanten kwam diverse keren bijeen in de gereformeerde kerk aan de Fazantlaan 17. Deze vergaderruimte of consistorie kwam bij Piet Goede in beeld. Hij was werkzaam bij Philips en hij was gereformeerd en had goed contact met Dominee Gerrit Zeijl. Het was een veilige locatie om te vergaderen. Piet Goede was de eerste LO-leider in Eindhoven. Na zijn arrestatie begin november 1943 werd het verzet voorjaar 1944 steeds actiever. Zijn L.O. taak wordt eerst overgenomen door A. v.d. Holst en later door Dr. J. Custers. Ze zijn alle werkzaam bij Philips.
Piet Goede overleeft de oorlog en vertrekt naar Zuid-Afrika en ook Dr. J. Custers vertrok in 1948 met zijn gezin naar Johannesburg.
Foto: https://beeldbankwo2.nl
Meer informatie:
https://eindhoven4044.nl/10/Onderduiken-Eindhoven1940-1944.html
https://www.eindhovenfotos.nl/6/Fazantlaan.html
Kapelaan Clemens Zigenhorn foto verbeterd met IA-tool.
Bron https://www.rhc-eindhoven.nl
Kapelaan Clemens Zigenhorn was werkzaam bij de kerk Heilige Hart.
Clemens was voor de oorlog al actief in de mannelijke jeugdbeweging.
De Katholieke Actie (K.A.) trachtte tijdens de bezetting vooral de denkbeelden van gelovigen te behoeden voor de (morele) gevaren van het nationaalsocialisme. De opgeheven katholieke organisaties werden in 1941/1942 onder K.A.-dekmantel voortgezet. Vooral degenen die in Duitsland werkten werden als kwetsbaar beschouwd. De werkwilligen moesten worden overgehaald hun werk daar op te geven. Hetzelfde gold voor de dwangarbeiders. Tijdens verlofdagen moesten ze worden aangespoord niet meer terug te keren. Dergelijke werkzaamheden brachten menig K.A.-propagandist en instructeur op het pad van de illegaliteit. De Katholieke Actie stuurde naar jongens die gedwongen in Duitsland werkten, pakjes met levensmiddelen en brieven. Kapelaan C. Zigenhorn en Jan Custers kwamen steeds meer tot het besluit, dat wij ze helemaal niet moesten laten gaan. Die jongens moesten geholpen worden bij het vinden van een onderduikadres.
In de Heilig Hartkerk werd tijdens de hoogmis (1943 of '44?) een razzia gehouden door de Duitsers om onderduikers op te pakken voor arbeidsinzet. Gelukkig konden alle jonge mannen via het priesterkoor en de sacristie ontsnappen.
Onder in de kandelaar van de Heilig Hart kerk in Eindhoven, was het archief van de LO. Een van de schuilplaats voor de bescheiden van J. Custers. De kandelaar stond op het priesterkoor van de kerk.
Kapelaan Clemens Zigenhorn bemoeide zich in 1942 al zijdelings met pilotenhulp met medewerking van mevr. J. H. van der Holst-de Groot, de echtgenote van Ad van der Holst, de latere LO-leider in Eindhoven.
Volgens Custers stond Kapelaan Zigenhorn voor niets, hij transporteerde bonkaarten etc. en hij raakte steeds meer betrokken bij piloten-transporten. Zij (Custers, Zigenhorn en Holst) nemen ook het besluit om contact te zoeken met Limburg (onder andere met Kapelaan Naus etc.), waarvan zij wisten dat daar het illegale werk reeds volop draaide.
Pastoor Dr. Lambert de Gruyter was op de hoogte van het werk van Zigenhorn en Custers. In zijn pastorie heeft trouwens SD-er Weber nog eens een inval gedaan, de Sicherheitsdienst vond echter niets. Pastoor de Gruyter had een grote radio onder de parketvloer verborgen. De eerwaarde heren en Jan Custers luisterden vaak naar de Engelse zender, languit op de vloer gelegen, nadat enkele plankjes uit de vloer waren gedemonteerd. Jan Custers had ook een schuilplaats in de kerk gevonden, voor alle financiële onderduikgegevens. Toen Jan Custers de Eindhovense leiding van de L.O. had, werden alle Eindhovense gegevens daar bewaard in een hoge kandelaber in het priesterkoor van de Heilige Hart Kerk.
Kapelaan Clemens Zigenhorn en pastoor Dr. L. de Gruyter van de Gestelse parochie Heilig Hart werkten samen met Harry Aarts, rechercheur van politie die zich met tal van diverse verzetsactiviteiten bezighield, zoals onderdak regelen, mensen waarschuwen, bonnen verspreiden, piloten helpen enz. Gelden kreeg de L.O. Eindhoven van Mgr. Mutsaerts, eerst 5.000.- gulden en later nog eens duizend gulden.
Jacobus Schoenmakers 26-02-1895 - 11-09-1955.
Foto van bidprentje die met een AI-tool is bewerkt.
Er is onduidelijkheid over de plaatsing van de zender en de bevoegdheid van pastoor Schoenmakers. Hoewel hij pastoor was van de parochie van de H. Joseph (St. Josephkerk in Tongelre), spreken de documenten over een zender in de Sint Martinuskerk (eveneens in Tongelre, Hofke). Dit doet vermoeden dat hij daar tijdelijk ook pastoor was.
Pastoor A. C. Schoenmakers van de St. Joseph-parochie en St Josephkerk te Tongelre is van deze laatste categorie wel een typerend voorbeeld, ook voor het Brabantse land. De geschiedenis hoe hij door het toestelletje in het illegale werk werd betrokken is dan ook waard om aan de vergetelheid ontrukt te worden.
Het begin van Pastoor Schoenmakers "illegale loopbaan" is gelegen in het feit dat hij geen gehoor gaf aan het moffenbevel tot inlevering van zijn radiotoestel. Enige tijd later deed de S.D. echter huiszoeking, vond het toestel evenals bij een van zijn kapelaans [ J. Smulders] en mèt de toestellen verhuisden beide geestelijken naar het politiebureau. Wonder boven wonder liep het voor beiden goed af en na een verhoor van enkele uren konden zij weer huiswaarts keren.
En toen werd Pastoor Schoenmakers op zekere dag opgebeld door een van onze ingenieurs. Deze had van de verdwenen radiotoestellen vernomen en bood aan een nieuw toestelletje te leveren. Voorzichtig, maar daarna met grote vreugde werd dit aanvaard. En vanaf die dag heeft het toestelletje de pastoor van uur tot uur op de hoogte gehouden van het nieuws uit de vrije wereld.
Het werd tevens het eerste illegale voorwerp dat in de pastorie aanwezig was, maar niet het laatste, want al spoedig volgden er onderduikers en daarna zelfs een complete geheime zender in de klokkentoren van de St Martinus kerk van Tongelre. De radio-zend-ontvanger werd in het orgel verborgen. Vanuit de unieke zendlocatie was het radiocontact met het Bureau Inlichtingen (BI) in Londen van uitstekende kwaliteit.
Bij de voortdurende spanning die hierdoor in de pastorie heerste, was het voor de pastoor steeds een zegenrijke ontspanning om op elk gewenst uur naar nieuwsberichten en de bemoedigende woorden van de geallieerden te luisteren, die ons via de ether bereikten uit de landen van onze bondgenoten.
Tekst deels uit: De vrije Philips Koerier, 18 september 1946
Meer informatie
https://www.eindhoven4044.nl/6/oorlogsverzet_tongelre.html
Een ansicht van de inmiddels in 1990 gesloopte St Josephkerk.
Die lag aan de St Josephlaan 58 in Doornakkers, Tongelre.(Tivoli).
Pastoor van deze kerk, J. A. C. Schoenmakers en kapelaan J. Smulders. Beide actief in het verzet.
Bert Kemp van beroep is hij landbouwer. In juni 1943 wordt hij als 19 jarige opgeroepen voor de Arbeitseinsatz, de verplichte tewerkstelling in Duitsland. Na twee maanden keert hij terug naar Nederland en besluit vervolgens onder te duiken. Vanaf dat moment zet hij zich in voor het verzet en gaat dan voor kapelaan J. Smulders koeriersdiensten verrichten, vanuit St Josephkerk, met name het ophalen en wegbrengen van bonkaarten.
Echter tijdens een razzia wordt hij gearresteerd en vastgezet in kamp Vught. Begin september 1944 wordt hij vervolgens via kamp Amersfoort naar het concentratiekamp Neuengamme bij Hamburg gezonden en overlijd daar
Pastoor van Mol heeft de parochie van de Pastoor van Arskerk geleid van 1937 tot 1948. Geboren 9 juli 1892 Nieuwkuijk - overleden 13 april 1948 Eindhoven
In 2016 vraagt pastoor Johan Goris van de Sint-Petruskerk in het Eindhovens Dagblad meer informatie over het verzetverleden van pastoor Everardus H. van Mol.
Hij vertelt: "Vorig jaar april heb ik een brief gekregen van een Eindhovenaar, wiens vader vlak voor zijn dood vertelde dat hij zich samen met pastoor Van Mol heeft ingezet voor de Joden in Eindhoven". In de brief staat dat Van Mol een netwerk zou hebben opgericht bij wie Joodse onderduikers werden ondergebracht. "Dit ging een tijd goed, tot de pastoor waarschijnlijk door de Nederlandse politie tijdig gewaarschuwd werd dat er verraad in het spel was. Nog voor de inval van de Duitsers werd de Joodse familie op een ander adres ondergebracht. Alles gebeurde in het grootste geheim. Er is verder weinig bekend hoe groot het netwerk was en wie er allemaal hebben meegeholpen. Je wist alleen wat je moest weten."
Een oud-misdienaar herinnerde zich andere activiteiten van pastoor van Mol, namelijk dat hij hielp bij gestrande piloten, de zogenaamde pilotenlijn. De Duitsers hielden hem in de gaten. Toen op een avond een man zich bij de pastorie meldde en onderdak vroeg, vertrouwde Van Mol de zaak niet, hij dacht dat het een verrader was en belde de Duitse instanties. Later bleek dat het toch om een geallieerde vlieger ging en niet om een verrader. Aanvullende informatie op: https://eindhoven4044.nl/5/mol.html
Brief van Ton van de Nieuwenhuyzen over pastoor van Mol [PDF]
Op de Eindhovense ledenlijst van G.O.I.W.N = Gemeenschap Oud Illegale Werkers Nederland, staat E.H. van Mol wel vermeld met het adres: St. Philomenastraat 13 Woensel. Dat is de pastorie naast de kerk.
Pater Laurentius (zie inzet) woonde in dit kapucijnenklooster. Het klooster en de kerk werden in 1939 opgeleverd. Beide gebouwen werden toegewijd aan Koenraad van Parzham, een Duitse kapucijnerbroeder die in 1934 heilig werd verklaard. In juli 1942 vorderden de Duitsers het pand. Pas in februari 1946 konden de kapucijnen terugkeren in hun klooster.
Henricus Cornelius Franciscus Dusée, beter bekend als Pater Laurentius, woonde tijdens de oorlogsjaren aan de Venstraat 4. Hij belandde hier met meerdere paters, nadat de Duitse bezetter hen in juli 1942 uit hun kapucijnenklooster had verdreven. De Duitsers vorderden het kloostergebouw aan de Bezemstraat 59 (tegenwoordig de Koenraadlaan). Vanaf september 1944 werd het pand gebruikt door de Royal Air Force. Pas in februari 1946 konden de kapucijnen terugkeren naar hun klooster.
Pater Laurentius was onder de schuilnaam "De Bruin" zeer actief in het onderbrengen van onderduikers en werkte nauw samen met de L.O. (Landelijke Organisatie voor Hulp aan Onderduikers) in Eindhoven. In deze samenwerking met zowel katholieken als protestanten gebruikte hij afwisselend zijn eigen naam, zijn paternaam of zijn schuilnaam. Die alias, "De Bruin", verwees naar zijn verschijning: zijn bruine pij en zijn bijna kale hoofd met een bruin keppeltje achterop.
Zijn bidprentje omschrijft hem als volgt: "Een heel groot gedeelte van zijn priesterlijk werk heeft hij verricht in de Koenraadparochie te Eindhoven, waar hij vele jaren als kapelaan zijn goedheid en dienstbaarheid aan ontelbaren heeft getoond."
Pater Laurentius bood zijn diensten aan bij Jacques Hermans voor een samenwerking binnen de L.O.-afdeling Strijp. Hij onderhield mogelijk contact met de volgende personen:
Rinsema (schuilnaam "Onno"), Venstraat 77
Egbert Wever (W19)
Persoonlijke gegevens H.C.F. Dusée:
Geboortedatum: 10 april 1893 (Tilburg)
Overlijdensdatum: 17 augustus 1973 (Eindhoven)
Ned. Herv. Kerk ten Hagestraat 15 (Vaste Burchtkapel)
Gebouwd in 1813 en juli 1962 afgebroken. Nieuwbouw vanaf jaren 70 jongerencentrum en van 1981 Dynamo.
Foto van kerk is echt, de auto is AI erbij gezet.
De Nederlands Hervormde Kerk in Eindhoven speelde een stille maar cruciale rol in het verzet. Hoewel de kerk als instituut voorzichtig opereerde en vooral onderling ruzie maakten over de kerkelijke richtingenstrijd tussen 1941 en 1944, namen individuele leden grote risico's. Vanaf 1943 raakten een aantal van hen betrokken bij de Landelijke Organisatie voor Hulp aan Onderduikers (L.O.).
Een sleutelfiguur was J.S.H. Weinberg. Als administrateur bij Philips en onmisbare schakel in het verzet, regelde hij via tussenpersonen talloze onderduikadressen en levensmiddelen. Ook Jasper Daams was van groot belang; hij zette vluchtlijnen op om Joodse medeburgers veilig naar België en Frankrijk te loodsen. Dr. C.J. Dippel werkzaam NatLab Philips en ouderling nam een Joodse onderduikerster in huis. Door zijn andere onbekende activiteiten staat hij vermeldt op de gemeentelijk lijst van "karaktervolle verzetters en illegale werkers".
De heer Heinrich Korn, wonende aan de Plaggenstraat 50 en bestuurslid van de Stichting Christelijke Kleuterscholen, staat vermeld op de verzetsnamenlijst In het voorjaar van 1944 zocht hij naar kandidaat-leraren via een advertentie in De Standaard 24-03-1944.
De krant De Standaard, die gold als het klankbord van de Anti-Revolutionaire Partij (ARP) en de Gereformeerde Kerken in Nederland, bleef tijdens de bezetting verschijnen. Het dagblad probeerde een neutrale houding aan te nemen onder het Duitse gezag tijdens de Tweede Wereldoorlog. Als christelijk medium meende de redactie gehoorzaam te moeten zijn aan de Bijbelpassage in Romeinen 13:1, waarin staat dat men de overheid dient te gehoorzamen; dit gold destijds ook voor de bezettende macht die de nieuwe overheid vormde. In 1944 werd de krant uiteindelijk alsnog verboden vanwege een tekort aan papier
De bezetter hield de kerk nauwlettend in de gaten. Dominee H.J.F. Wesseldijk werd door de Sicherheitsdienst (SD) verhoord, vermoedelijk vanwege zijn voorbeden voor het Koninklijk Huis of een anti-Duitse houding op de kansel. Waar andere predikanten soms zwaar werden gestraft, kwam Wesseldijk er met een ernstige waarschuwing vanaf. Ook hulpprediker A.C.J. van der Poel staat te boek als actief verzetsman en zal in het L.O. netwerk het nodige hebben gedaan.
Buiten de directe kerkelijke hiërarchie toonde ook Harry Linthorst Homan, topman bij Philips en belijdend lid van de Hervormde Kerk, zijn verzetsgezindheid; hij moest in 1943 zelfs uitwijken naar Engeland om arrestatie te voorkomen.
Dr. Jos M.M. Maas, deken en pastoor van de St. Catharinakerk.
Foto https://beeldbankwo2.nl
Dr. Jos M.M. Maas (1876 - 1946) van de St. Catharinakerk in Eindhoven was een belangrijk persoon in de oorlogstijd. Hij was van 1922 tot 1945 deken en pastoor van de St. Catharinakerk. Tijdens de bezetting heeft hij een tijd ondergedoken gezeten, volgens de tekst bij deze foto. Tijdens de bevrijding van Eindhoven op 18 september 1944 zwaait hij vanuit een Amerikaanse jeep. Waarom hij tijdens de bezetting een tijd ondergedoken heeft gezeten, is nog onduidelijk. De Sint-Catharinakerk heeft tijdens de oorlogsjaren, net als andere kerken, waarschijnlijk meegeholpen aan het LO-werk.
Hij is onderscheiden als officier in de Orde van Oranje Nassau.
Extra verhalen rondom kloosters en paters:
Paterskerk in oorlogstijd 1940 - 1944 https://eindhoven4044.nl/8/Paterskerk.html
Hoe de zusters Ursulinen de oorlog hebben ervaren https://eindhoven4044.nl/8/Ursulinen.html
Rector J. Sicking 65 jaar priester. ED mei 1983
De kracht van het verzet van de kerken heeft niet gelegen in het ondersteunen van onderduikers of het verbergen van Joden, hoewel het algemeen bekend is, dat menige pastorie van al dit soort werk de geheimen kende en bewaarde.
Op de tentoonstelling zal men vergeefs zoeken naar een opsomming of zelfs maar aanduiding van deze vorm van het verzetswerk. Evenmin vindt men er financiële onthullingen of getallen van het aantal slachtoffers uit de rijen van haar dienaren.
Dit alles is immers nog niet de strijd van de kerken, die ook niet het behoud van het Nederlandse volk als zodanig in de eerste plaats beoogde al spraken zij nadrukkelijk uit, dat het Nederlandse verzet een belangrijke oorzaak vond in het gebod voor de Christen om zijn vaderland lief te hebben en zich te verzetten tegen wat het belaagt.
Bovenal getuigde de Kerk van het Koninkrijk Gods. Haar strijd was gericht tegen alle machten en krachten, die het Evangelie en het Christelijk leven in haar grondslagen aantasten. “In de gehoorzaamheid aan Jezus Christus ligt het heil voor ieder volk”.
Het illegale verzet, 1945 uitgegeven door de gemeenschap van oud-illegale werkers.
Boekje verhaalt in het kort de geschiedenis van het illegale verzet in de stad Eindhoven en omgeving. 60 pagina's, 21,5 x 14 cm.
Reeds op 2 Februari 1934 verscheen een Bisschoppelijke brief (uitgevaardigd door de Bisschoppen van Nederland), waarin het dreigende gevaar scherp onderkend werd: Zij schreven: “Wie streeft naar het groot en machtig maken van een fascistische of een nationaal socialistische partij, hoe dan ook gericht, wie zich bij die partij aansluit of haar propageert is zich zijn heiligen plicht jegens het waarachtig volksbelang niet voldoende bewust”.
Aan allen, die onder de directe rechtsmacht van de Katholieke Kerk vielen, werd het lidmaatschap verboden.
Tijdens de bezetting richtten de R.K. en de Protestantse kerken zich herhaaldelijk en meestal gezamenlijk tegen de anti-christelijke macht in een stroom van protesten en getuigenissen, kanselafkondigingen en herderlijke brieven “Gij zult geen andere Goden voor Zijn aangezicht hebben”.
Dit onbeschroomd getuigen schraagde het volk. De bezetting ging voorbij, de roep Gods blijft. Niet tot een tevreden terugblik noopt het heden, doch in onverminderde kracht roept de Kerk het volk tot hernieuwde, gehoorzaamheid aan haar Eenen Heer.
Bronnen:
Samenwerking met https://www.eindhoven4044.nl/4/KP_vragenlijst_J_Hermans.pdf
De helpers in Strijp https://eindhoven4044.nl/10/Onderduiken-Eindhoven1940-1944.html
Jacob_Sicking https://www.eindhoven-encyclopedie.nl/index.php/Jacob_Sicking
Lijst van predikanten_die_joden_hielpen https://web.archive.org/web/20201019032414/https://www.hdc.vu.nl/nl/Images/Predikanten_die_joden_hielpen_IV_tcm215-460512.pdf
Telefoonboek 1943 https://www.delpher.nl
Het illegale verzet https://www.eindhoven4044.nl/4/Het_illegale-verzet-in_eindhoven1944.pdf
https://www.reliwiki.nl/index.php?title=Categorie:Provincie_Noord-Brabant&until=Geffen&pagefrom=Eindhoven
Bron Sicking : Mededelingen- en Contactblad nr. 44 van de Heemkundige Studiekring 'Kempenland' te Eindhoven, januari 1976.
Pius-almanak ...; jaarboek van katholiek Nederland, 1940 t/m 1943 (geen 1944 /1945) Delpher tijdschriften