Eindhovense vrouwen in verzet

MONUMENT VOOR DE VROUW

Een deel van de begrafenis bloemen van Riek de Waal -IJsseldijk voor het monument. In die tijd gebruikelijk om begrafenis bloemen te doneren aan het monument.
Foto 20-4-2005. 

Monument voor de Vrouw

Het 'Monument voor de Vrouw' in Eindhoven is een een basreliëf in kalkzandsteen, ingemetseld in een muur van baksteen. Op het reliëf staan drie vrouwen en een man afgebeeld. De tekst op het reliëf luidt:
"1940 - In trouw onwrikbaar - 1944 schraagden zij de weerstand."
Het monument is geplaatst in het plantsoen op de hoek Parklaan - Zilvermeeuwlaan in Eindhoven.
Het reliëf was al in 1947 klaar, echter pas in 1956 als monument onthuld.

De Eindhovense beeldhouwer Willy Mignot, wonend te Laren (N.H.), werkt in het voorjaar van 1947 aan een reliëf dat ter ere van de moedige vrouwen van Eindhoven uit de oorlogsdagen te zijner tijd zal worden aangebracht in het nieuwe stadhuis. Het kunstwerk, dat zodra het voltooid is, wordt geplaatst in het oude stadhuis, dat wil zeggen in een gemeentelijke opslagplaats. Uiteindelijk zal het monument komen te staan op het terrein van Mignot aan de Parklaan, dat als gemeentelijk "Mignotplantsoen" wordt aangelegd. Dit braakliggende terrein was in 1955/1956 door de gemeente aangekocht.
De steenrijke tabaksfabrikant Mignot had oorspronkelijk hier woningen willen bouwen. Daarom is er in de huisnummering van de Parklaan ook een "gat" van Parklaan 73 naar Parklaan 33.

Stichting Bevrijdingsherdenking

In opdracht van de Stichting Bevrijdingsherdenking hakte Willy Mignot in 1947 een groot reliëf. De stichting bood dit werk, dat de dankbaarheid uitbeeldt die de vrouwen verschuldigd zijn voor hun houding tijdens de oorlogsjaren, aan het gemeentebestuur van Eindhoven aan.
Het reliëf stelt drie vrouwenfiguren voor, waarvan de middelste aan een man het zwaard overhandigt. De rechtse figuur, een neerknielende vrouw die haar handen beschermend om een huilend kind slaat, symboliseert de moederlijke zorg; de linker figuur verbeeldt de huisvrouw.
Een andere verklaring beschrijft het gedenkteken als zijnde opgericht "ter ere van de Eindhovense vrouwen die zich tijdens de oorlogsjaren hebben ingespannen om zo goed en zo kwaad als het ging hun werk te verrichten en met moed en vasthoudendheid hun huishoudens op peil te houden."
De onthulling vond pas jaren later plaats op 12 mei 1956 (de dag voor Moederdag). Opvallend is dat de onthulling niet op een dag zoals 4 of 5 mei, als dodenherdenking of Bevrijdingsdag, is gehouden. Deze herdenkings- en bevrijdingsdata zijn pas na 1988 meer in beeld gekomen.
Dit Eindhovense monument is één van de eerste monumenten in Nederland dat aandacht besteedde aan de rol van de vrouw tijdens die vreselijke bezettingsjaren. In 1949 onthulde Arnhem het monument ‘De vrouw in oorlogstijd’. Haarlem onthulde in 1982 het beeld “Vrouw in Verzet” ter ere van Hannie Schaft.

De onthulling van het Monument voor de Vrouw vond plaats op zaterdag 12 mei 1956 door burgemeester mr. H. A. M. T. Kolfschoten.
Onder de aanwezigen is Hilda Verwey-Jonker.
foto: https://villaparkeindhoven.nl/buurtgeschiedenis/

Eindhovensch dagblad 14 mei 1956

Huldigingsmonument 

De besturen van alle Eindhovense vrouwenorganisaties waren zaterdagmorgen aanwezig aan de Parklaan te Eindhoven, waar door burgemeester Kolfschoten een monument ter ere van de Nederlandse vrouw in oorlogstijd werd onthuld. Dit monument, vervaardigd door de in Laren wonende Eindhovense beeldhouwer Willy Mignot, is in opdracht van de Stichting Bevrijdingsherdenking Eindhoven voor het nieuwe stadhuis gemaakt. Nu echter, door de medewerking van de familie Mignot en omwonenden aan de Parklaan waardoor dit terrein voor parkaanleg beschikbaar was gekomen, heeft men er een gunstige plaats gevonden voor dit sobere monument. Het monument verzinnebeeldt de steun die de Nederlandse vrouw in oorlogs- en bezettingstijd voor de man is geweest. „In trouw onwrikbaar schraagden zij de weerstand”, staat er in het monument gebeiteld. De foto toont het moment van de onthulling. (Foto v. Beurden E.D.)

Eindhovense vrouwen in het verzet

Er is relatief weinig bekend over verzetsvrouwen in Eindhoven. In ieder gezin dat iemand, en zeker een Joodse persoon, liet onderduiken, was de vrouw volledig op de hoogte en nam waarschijnlijk ook de zwaarste taak op zich. In Eindhoven moeten dat honderden gezinnen zijn geweest, lees https://www.eindhoven4044.nl/9/duikadressen.html

Vaak waren getrouwde vrouwen wel enigszins op de hoogte van wat hun man deed. Cor Gehrels, de verzetsman bij Philips zei tegen zijn vrouw: "Wat je niet weet, kun je ook niet vertellen". Hun gezin had wel onderduikers in huis, in die oorlogsdagen al voldoende voor de doodstraf. En zijn vrouw G.A.M. (Grietje Aartje Magdalena) Gehrels-de With wist van Cor zenderbouwactiviteiten voor Herrijzend Nederland.


Op 18 september 1964 legde Loek van der Heijden, namens alle vrouwen in het verzet, een krans. Zij was actief bij de groep van Eddy Verkaik, Jules Gijsbers en pastoor Sicking. Zij was onderwijzeres in de Gerardusparochie. Zij liet zich door zenuwarts E.M.L. Sassen tijdelijk ongeschikt verklaren om les te geven. De motivatie was dat ze “minder enerverend” werk moest doen. Daarna verrichtte ze de laatste oorlogsjaren dag en nacht koerierdiensten. Niet alleen in en rond Eindhoven, maar voor de Landelijke Organisatie voor Hulp aan Onderduikers (LO) reisde zij, omhangen met distributiekaarten, stempels en valse persoonsbewijzen, het gehele land door. Ze bracht ook berichten over. Haar (ouderlijk) huis aan de Lakerstraat 1 was een trefpunt van de illegaliteit. Ze vocht ook gewapend mee, met andere P.A.N.-leden, op de Leenderhei tegen Duitsers, waarbij aan beide kanten doden vielen.

Ook Greet Kelder-Vroom verrichtte allerlei koeriers- en inlichtingendiensten. Ze vertelde later dat ze tijdens haar verzetsjaren in België heeft leren schieten. Ook haar zus Lenie Vroom was actief in het verzet.

Else Engel uit de Hooghuisstraat was actief bij de groep van Eddy Verkaik en voerde samen met Greet gevaarlijke verkenningen uit.

Ineke ( M.E.L.) Zwartendijk, nam regelmatig, in een soort corset, allerlei briefjes, gecodeerde boodschappen en illegale krantjes mee en verspreidde die door het gehele land. Ze kreeg die in Eindhoven van een oud-klasgenoot die ze kende van het Lorentz Lyceum. In Utrecht is ze door verraad in de val gelopen, en toen ze alleen in een cel zat, heeft ze alle papieren opgegeten. Zonder bewijs en niets losgelaten te hebben, heeft ze tot oktober 1944 in Den Bosch gevangen gezeten. Ineke werkte voor de A13-centrale en student Victor Beermann.

Lida Lucia Voorhoeve, sinds 1965 weduwe van Philips-verzetsman dr. ir. N. A. J. Voorhoeve, was draagster van het Verzetsherdenkingskruis. Elisabeth Adewina Simonetta Elbrink-Remmert, geboren op 6 januari 1897 en overleden op 12 oktober 1987, ontving een Verzetsherdenkingskruis. Wat hun activiteiten waren, is onbekend.

Mevrouw S. Wijtman-Vleer: “In onze woning verstopten we wapens voor het echtpaar Van Bruggen en we hielpen hen bij het zoeken naar onderduikadressen.” Op een dag vernamen we dat we geen contact meer met hen mochten opnemen: de SD had hun illegale werkzaamheden ontdekt. Verder brachten moeder en dochter illegale bladen rond en hielpen Joodse onderduikers.

Een aantal vrouwen zijn bekende pilotenhelpers, zoals: Maria H.J Aarts, Johanna van van Bruggen-van Moorsel, Geertruida Mudde, Mrs v.d. Ven-de Haas en meer namen rondom pilotenhulp uit Eindhoven en omgeving.

Hilda Verwey-jonker is zowel voor, tijdens als na de oorlog zeer actief geweest op allerlei terreinen: opvang van gevluchte jongeren in Dommelhuis, honderden aanpassingen in het gemeentelijk bevolkingsregister om mensen te laten onderduiken, het verspreiden van bonnen en ID-bewijzen, het helpen van onderduikers en zelf onderdak bieden, en haar betrokkenheid bij het Tribunaal voor Bijzondere Rechtspleging in Eindhoven.

Mia van der Brug (Meurs) heeft haar hele leven een strijd gevoerd tegen onverdraagzaamheid en onrecht. Dit is een verhaal over haar Eindhovense verzetsperiode tijdens de oorlogsjaren 1940-1945. Eigenlijk begon haar strijd tegen het fascisme al ruim voor die periode, door haar ervaringen in Polen.
 
Rie Jansen (doopnaam Maria) was zeer actief in het helpen van (Joodse) onderduikers. Zij was begin veertig in de oorlogsjaren en woonde in de Paradijslaan 50 (huidige 22-C) in Eindhoven. Rie was verpleegster en had door haar functie ook toegang tot het Eindhovense politiebureau. Zij kreeg daar hulp van politieagent P.E. (Piet) Soethout en oud-burgerwachter J. Bogers. Zij smokkelde brieven en boodschappen naar buiten en zorgde ervoor dat sommige celbewoners in het ziekenhuis werden opgenomen en vervolgens onderdoken. Ook op het gemeentehuis had zij veel contacten, evenals met diverse ziekenhuizen en instellingen waar mensen tijdelijk werden ondergebracht. Zij onderhield nauwe contacten met de P.A.N. en andere verzetsleden in Eindhoven voor onder andere extra voedsel- en andere bonnen.

Maria Maas [PDF], ook wel Tante Mietje, was mede-eigenaar van de drogisterij "Het Kruispunt", het adres voor alle L.O.-werkzaamheden in Strijp. Later werden er persoonsbewijzen vervalst en was het adres in de laatste maanden van de bezetting een van de verzamel- en overlegadressen van de P.A.N. Maria Maas werkte actief mee aan de verzetsactiviteiten van Jacques Hermans, de andere eigenaar.

Irene Marie Joanna Dorenbosch was koerierster voor de illegale krant Trouw. Ook raakte ze betrokken bij de voorbereidingen van een overval op een distributiekantoor in Sint Laurens. Dit kantoor fungeerde als centraal punt en had dus de grootste voorraad aan bonnen. Irene ging wekenlang de gang van zaken na op het distributiekantoor. Naast de voorbereidingen wilde ze ook betrokken worden bij de daadwerkelijke overval. Na de succesvolle overval moest ze na herkenning onderduiken en kwam ze in Eindhoven terecht, waar ze wederom in het verzetswerk terechtkwam en daar ook is overleden. In september 1946 vond op de algemene begraafplaats te Vlissingen een korte, sobere plechtigheid plaats. De burgemeester der stad, mr. Kolff, droeg aan de familieleden de steen over die het graf dekt van wijlen mejuffrouw Irene Dorenbosch. Zij was tijdens haar leven archivaris van de gemeentelijke bibliotheek. Vooraf vertolkte de voorzitter van de GOIW te Vlissingen, de heer J. Blankenburg, de gevoelens van haar vrienden uit het verzet. Zij herinnerden zich nog goed het tragische moment waarop het droeve nieuws kwam dat zij in Eindhoven, op 5 april 1944, tijdens het vervullen van haar moedige verzetswerk, het leven had gelaten. 7-02-1916 Hoboken (BEL) - 05-04-1944 Eindhoven (NB)

Maria Antonia Cornelia van Hoof (02-02-1919, Eindhoven) was koerierster van J.M. (Jo) Pennings, leider van de G.D.N. (Geheime Dienst Nederland) (bron)

Veel meer vrouwen zijn actief geweest in het verzet in Eindhoven.

Het Vredesburo Eindhoven heeft een aantal jaar een dodenherdenking bij het Vrouwenmonument op 4 mei georganiseerd. Zij gaven het de naam: Vrouwen Vredesmonument. De laatste jaren is het niet meer gelukt om een bijeenkomst te organiseren; zij wijzen de coronapandemie en het gebrek aan vrijwilligers aan als voornaamste oorzaken.

Stichting 18 september organiseert traditiegetrouw op 4 mei een plechtige bijeenkomst in Eindhoven op de gemeentelijke begraafplaats Woensel, Oude Toren.
Meer info: https://stichting18september.nl of
https://stichting18september.nl/dodenherdenking-4-mei/

Feitelijk wordt de bevrijding en herdenking jaarlijks in Eindhoven op 18 september herdacht.

Daarnaast staat het iedereen vrij om op 4 mei een bloem neer te leggen bij dit vrouwenmonument.