De Eindhovense NSB-burgemeester

an 1 februari 1941 tot 5 september 1944 was Hub Pulles NSB-burgemeester van Eindhoven.

Veearts Dr. H.A. Pulles, van NSB-kringleider tot burgemeester van Eindhoven
Hubertus Adrianus (Hub) Pulles (Vlijmen, 15 december 1895 - Lieshout, 1 mei 1969) was een Eindhovense dierenarts die in de Tweede Wereldoorlog carrière maakte binnen de NSB.
Na in 1940 NSB-kringleider te zijn geworden, werd hij op 1 februari 1942 door de Duitse bezetter benoemd tot NSB-burgemeester van Eindhoven. Hij ontvluchtte de stad op 5 september 1944 (Dolle Dinsdag).

Dr. H.A. Pulles

Hubertus Adrianus (Hub) Pulles (Vlijmen, 15 december 1895 - Lieshout, 1 mei 1969) was een Nederlandse veearts die tijdens de bezetting NSB-burgemeester van Eindhoven was, van 1 februari 1942 tot de vlucht op Dolle Dinsdag, 5 september 1944.

Carrière en NSB-lidmaatschap
Pulles studeerde diergeneeskunde aan de Rijksuniversiteit Utrecht (afgestudeerd in 1921) en promoveerde in 1934 aan de Universiteit van Bern. In 1921 vestigde hij zich als dierenarts in Eindhoven, waar hij ook diende als Wijkmeester EHBO in het villapark. Vanaf 1929 was hij ambtenaar, eerst als plaatsvervangend, later als adjunct-directeur van het gemeentelijke slachthuis. Daarnaast was hij sinds 1926 eigenaar van Aesculaap, een groothandelsbedrijf in entstoffen en diergeneesmiddelen (in 1936 omgezet in een N.V.). Dit bedrijf deed in 1942 een donatie van 100 gulden aan de Winterhulp en werd in 1958 door Pulles verkocht.

Zijn sympathieën gingen al langer uit naar de NSB, maar het ambtenarenverbod maakte officiële toetreding aanvankelijk onmogelijk. Nadat zijn vrouw zich in februari 1934 aansloot, werd Pulles op 6 september 1940 officieel lid van de Nationaal-Socialistische Beweging. Hij vervulde de functie van groepsleider, waarna hij op 1 februari 1941 tot kringleider van Kring Eindhoven werd benoemd.

Dr. Pulles werd zes september 1940 officieel lid van de Nationaal-Socialistische Beweging, waarnaar zijn sympathieën reeds lang uitgingen, maar het ambtenarenverbod maakte hem de toetreding onmogelijk. Zijn betrokkenheid dateert vanaf het ogenblik, dat zijn vrouw zich bij de NSB aansloot in februari 1934.
Hij vervulde in 1940 aanvankelijk de functie van groepsleider, terwijl hij op 1 februari 1941 tot kringleider van kring Eindhoven werd benoemd. 
De Duitse bezetter, die meer invloed wilde op het Eindhovense gemeentebestuur, zette in februari 1942 de zittende burgemeester A. Verdijk af. Dit was duidelijk  "NSB en een Duits opzetje".  
 
Op 1 februari 1942 vond zijn benoeming plaats als burgemeester van Eindhoven. De officiële installatie was op 21 februari '42 dat jaar in het Van Abbemuseum.
Als de afgezette burgemeester Verdijk door de binnenstad wandelt begroetten Eindhovenaren hem met: ‘Maar gij zijt de echte.’
Over Pulles werd gerijmd: ‘Schoenmaker blijf bij je leest, veearts blijf bij je beest.’

Pulles trouwde op 24 januari 1922 met Catharina Henriette Maria (To) Swinkels. Zij kregen drie zonen. Hun oudste kind, Gerrit-Jan, studeerde medicijnen, werd vrijwillig lid van de Waffen-SS en is als SS-Obersturmführer (1e Luitenant) sneuvelt in maart 1944 bij Narva, Estland. Hun tweede zoon, Piet, sneuvelde eveneens aan het Oostfront in Rusland. De derde zoon "Werner" was nog te jong voor dienen aan het front en overleeft daardoor de oorlog. 

Dolle dinsdag
Op 5 september 1944 vluchtte het NSB-college, inclusief Pulles, uit Eindhoven. Uit een stafverslag van 10 september bleek dat Dr. Pulles nog drie maanden traktement had uitbetaald aan alle gevluchte NSB'ers. Als gevolg hiervan werden al zijn eigendommen in beslag genomen en door anderen zijn lege huis deels geplunderd, waarna er drie gezinnen in werden gehuisvest. Zijn woning, Merellaan 2 blijft wel zijn eigendom en is na het uitzitten van hun gevangenisstraf verkocht. De "uitgedunde' familie Pulles keert niet meer terug en wonen in hun buitenhuis in Lieshout.

Pulles en zijn vrouw To werden in juni 1945 vlak over de grens bij Maastricht gearresteerd. Na een periode in Kamp Vught werd hij op 13 mei 1948 veroordeeld tot een gevangenisstraf tot 1 januari 1950 en ontzegging van zijn kiesrechten. Hij kwam echter al in december 1948 vrij. Hub Pulles overleed in 1969 in Lieshout.

Interne Visie op de Burgemeestersbenoeming


De onderstaande tekst betreft een brief van Dr. H.A. Pulles aan de districtsleider van de NSB in Brabant, waarin hij zijn motivatie uiteenzet om burgemeester van Eindhoven te worden.

De brief geeft een intern kijkje in Pulles’ plannen. Hieruit blijkt dat hij een ander College van B&W wenste, grof schreef over het zittende bestuur en burgemeester Van der Putt van Geldrop omschreef als een van de "Haters van de nieuwe tijd, die opgeruimd moeten worden."

Pulles beschrijft in de brief de politieke en bestuurlijke situatie in Eindhoven. Hij rapporteert over de loyaliteit van de gemeenteambtenaren en de vijandigheid van de zittende wethouders.

Hij schetst een gedetailleerd plan om de gemeente over te nemen, inclusief suggesties voor nieuwe, nationaal-socialistische wethouders, en benadrukt de voordelen van een nationaal-socialistische bestuursstructuur.

Pulles presenteert zichzelf als een gekwalificeerde en toegewijde kandidaat voor de functie, die de NSB kan helpen haar doelen in Eindhoven te realiseren.

Pulles' analyse van het Eindhovense ambtenarenkorps

Dr. Pulles vervolgt zijn brief met een gedetailleerde beoordeling van het gemeentehuispersoneel. Secretaris Sanders (60 jaar) vreest spoedig op ziekteverlof te moeten door een doktersbewijs dat dringende rust vereist. Hij was degene op wie de vorige burgemeester zijn luimen botvierde, maar is desondanks tot volle medewerking bereid. Ambtenaren als L.A.B.M. Obbens (chef afdeling Bevolking en Militaire Zaken), Van Schaik (chef afd. Registratuur, Inkoop en Expeditie) en H.F.A. Gruijthuijsen (afd. Financiën), die speciaal bevriend is met Van Elk, zijn volkomen bereid tot medewerking. Zij verheugen zich innerlijk dat de burgemeester weg is, daar hij een despoot was voor de lagere ambtenaren.

Partijloyaliteit en -sympathie
Pulles identificeert de partijloyaliteit. J.A. Th. Dielis (afd. Bevolking, tijdelijk leider persoonsbewijzen) is lid der Beweging, en Van Woerkom (klerk afd. Burgerlijke Stand) en Van Lieshout (adjunct-commies afd. Onderwijs) staan ingeschreven als sympathiserend. Andere ambtenaren die niet formeel zijn ingeschreven, maar wel aan de kant van de NSB staan, zijn Gruithuizen, Lucassen (afd. van Van Elk) en Meelis (bevolkingsagent). Voor het secretariaat is de man van Elk de aangewezen kandidaat; hij is zich volkomen bewust van de verantwoording en beschikt over de bekwaamheid. Zijn opvolger zou Mr. van Vlijmen (momenteel chef afd. Woningwet) kunnen zijn, die bereid is de post te aanvaarden en ten volle mee wil werken; een 'knappe kop', aldus Pulles.

De gevaarlijke elementen
Twee elementen worden als gevaarlijk bestempeld. De eerste is Mr. Beel, chef afd. Arbeid en Maatschappelijke Steun en Voorzorg, die rekent op te moeten verdwijnen en waarschijnlijk zelf ontslag zal vragen. Zijn uitlating "Ik zal het nationaalsocialisme bestrijden, waar ik het ontmoet" is tekenend voor zijn intenties. Beel kan vervangen worden door zijn neutrale waarnemer, Van der Holst, en Pulles suggereert de afdeling in de toekomst te splitsen, waarbij een gedeelte beschikbaar komt voor een nationaalsocialist (Van Stratum). Verder is er Deelen (familie N.C.B.), chef afd. Onderwijs en Volksgezondheid. Hij is vijandig ingesteld met een 'geraffineerd gesloten karakter' en kan vervangen worden door een zekere Kwinten, die niet ongeschikt is, al is hij erg gesteld op het Oranjehuis.

Algemene conclusie en diensten
Pulles besluit zijn analyse met de constatering dat hij de meeste ambtenaren persoonlijk kent en dat zij van hem flink werken, doch verder geen last te verwachten hebben, zolang zij niet tegenwerken. De stemming neigt naar enige angst voor het nieuwe bewind, maar men heeft voldoende vertrouwen in zijn rechtvaardigheidsgevoel. Zelfs een groep beraamt al plannen voor een beter ambtelijk leven. Pulles verwacht het gemeentehuis "het best klaar te spelen" zonder zijn energie aan interne ruzies te verspillen. Tot slot noemt hij de gemeentelijke diensten. Het slachthuis is hem door en door bekend; de directeur is al lid, zij het stilletjes, en zijn eventuele opvolger "zal vanzelf een lid zijn."

Document begint met Kameraad "Ik heb de eer onderstaande kwestie ter uwer kennis (stond beschikking) voor te stellen."

Samenvatting van de motivatiebrief van Dr. H.A. Pulles
Dit is een fragment uit een brief van NSB-Kringleider Dr. H.A. Pulles aan de Gemachtigde en Districtsleider van de NSB in Brabant (waarschijnlijk J.A. Leeuwenberg), gedateerd 8 november 1941, over zijn aspiraties om burgemeester van Eindhoven te worden.

De urgentie van de opvolging
Pulles begint met te stellen dat de opvolging van de gearresteerde burgemeester van Eindhoven urgent is. Hoewel hij wist dat kameraad [Max B.] van Ravenswaay op de nominatie stond, had Pulles de Districtsleider al ingelicht over de stand van zaken rondom deze kameraad in Eindhoven.

Persoonlijke overwegingen en motieven
Op sterke aandrang van partijgenoten heeft Pulles overwogen zich voor de post beschikbaar te stellen. Aanvankelijk wees hij dit af, maar naderhand achtte hij het de moeite waard de zaak te bestuderen, met het voorbeeld van kameraad Peeters in Maastricht voor ogen.

Hij merkt op: "Het is voor de inwoners al hard, als zij een nationaal-socialist krijgen, doch nog harder, als het een vreemdeling is en voor een Brabander bovendien iemand 'van boven den Moerdijk'."

Deze sociale en geografische overwegingen waren slechts aanleiding om over de functie na te denken. De doorslaggevende motieven waren praktisch:

Signaal van het Gemeentehuis: Pulles kreeg berichten dat ambtenaren van het gemeentehuis hem liever zouden zien dan een 'vreemde' (iemand van buiten de provincie).

Partijbelang: Als burgemeester zou hij "veel meer voor de beweging" kunnen doen dan als kringleider.

Tijd en Inkomen: Hij stelde nu ieder uur beschikbaar voor de Kring. Als burgemeester zou hij in dezelfde tijd "grotere resultaten kunnen bereiken, terwijl mijn werk door de gemeente betaald zou worden."

Peiling van het gemeentehuis
Om de zaak praktisch te bezien, liet Pulles de stemming op het gemeentehuis peilen door NSB-kameraad Van Stratum, die daar goed thuis was. Er waren reeds besprekingen gevoerd met de [gearresteerde] burgemeester, secretaris en anderen over interne kwesties.

Onder andere de volgende ambtenaren werden gepolst:

Van Elk, chef afdeling Algemene Zaken, Politionele Aangelegenheden en Kabinet Burgemeester. Pulles beschrijft Van Elk als "wel de machtigste ambtenaar" op het gemeentehuis, wiens standpunt door 80 à 90% van de ambtenaren gevolgd zal worden. Van Elk zou zijn komst toejuichen en is "ten volle bereid actief mee te werken". Hoewel hij geen NSB-lid wil worden (vanwege zijn mandaat), belooft hij intensief met plannen en voorstellen te komen en de burgemeester in alles terwille te zijn.

Bodifé, chef afdeling Financiën. Evenals Van Elk is Bodifé "ten volle bereid tot intensieve samenwerking".

Pulles concludeert dat de betrouwbaarheid van deze twee (Van Elk en Bodifé) "boven verdenking" is.

Voortzetting: Kandidaten en Persoonlijke Motivatie
 
Pulles noemt hierop de kandidaten die hij voor de wethoudersposten voor ogen heeft.
Voor Openbare werken stelt hij Slingerland of Seegers voor;

Bedrijven zouden naar Seegers, Rijks of Vroegindeweij gaan, waarbij Rijks of Vroegindeweij ook Financiën op zich zou kunnen nemen. Hij merkt op dat een aparte wethouder voor Financiën voor een stad als Eindhoven voorlopig niet volop bezig is, hij noemt "voll beschäftigt " , en hier in de toekomst propaganda en ontvangst aan toegevoegd kan worden. 
Hermens wordt voorgesteld voor Volksgezondheid en Onderwijs, en Apeldoorn voor Arbeid en Sociale aangelegenheden.

Schematische opstelling :
nr 1. Openbare werken enz: Slingerland of Seegers
nr. 2 Bedrijven: Seegers, Rijks, Vroegindeweij
nr. 3 Financiën: Rijks of Vroegindeweij.
nr.4 Volksgezondheid en Onderwijs: Hermens
nr. 5 Arbeid en Sociale aangelegenheden: Apeldoorn.

Hoewel over deze schematische opstelling nog gepraat moet worden, staat vast dat deze krachten vol nationaal-socialistisch zijn. Dit garandeert een oprechte en nuttige samenwerking, daar zij beter in staat zijn dan de oude wethouders om het gemeentelijk belang te dienen, en er zou geen stagnatie komen. De top van de gemeente komt hiermee in handen van de NSB, waardoor de beweging hier 'met een sprong in het zadel' zou zitten en het rijdier, de gemeente, spoedig gedresseerd zou zijn. Na zijn oriëntatie op dit terrein is Pulles gebleken dat hij de post zou aankunnen, en het jaar in de Beweging heeft hem hiervoor rijp gemaakt. Hij verklaart dan ook bereid te zijn deze functie te aanvaarden, 'als dit gewenst wordt in het belang van de beweging.'

Pulles' Persoonlijke Profiel
Om zijn geschiktheid te onderstrepen, schetst Pulles zijn persoonlijke achtergrond: hij is een Brabander uit Vlijmen, R.K. (als Hitler). Hij heeft 18 jaar als practicus tussen het volk en de boeren gewerkt en leidt sinds 16 jaar een zaak in diergeneesmiddelen, waardoor hij in handelskringen bekend is. Hij bezocht vele instituten in Duitsland en had tal van conferenties met leidende zakenlieden. Pulles heeft gepubliceerd en is in 1934 gepromoveerd. Hij heeft zich veel beziggehouden met zakelijke propaganda-studie en reclametechniek, en geeft sinds 1933 een maandblad voor dierenartsen uit over het gebruik van speciale middelen, naast enkele uitvindingen op dit terrein. .....

Helaas is pagina 5 niet aanwezig in het archief van het NIOD Instituut voor Oorlogs-, Holocaust- en Genocidestudies.

Het ontbreken van pagina 5 betekent dat de brief van Dr. Pulles aan de districtsleider van de NSB in Brabant onvolledig is. Hoewel de brief op pagina 4 abrupt eindigt met een opsomming van zijn persoonlijke prestaties ("...en heb enkele uitvindingen op..."), bevatten de voorgaande pagina's al de essentiële argumenten voor zijn benoeming en de volledige analyse van het Eindhovense ambtenarenkorps.

Pulles vervolgt zijn analyse met de gemeentelijke bedrijven en de cruciale wethouderskwestie.

Gemeentelijke bedrijven
Bij de Gasfabriek (gemeentebedrijven) zijn ongeveer tien leden van de Beweging onder het personeel. De directeur is Unieman en heeft te veel respect voor de NSB om tegen te werken, al is 'respect' een eufemisme voor 'schrik'. Hij is een slappe figuur. Er zijn 'prima krachten' die aan de NSB-kant staan, onder wie ir. Roodenburg. De directeur, ir. Oosterholt, is gewend met alles naar de burgemeester te lopen, waardoor hij in de toekomst bij Pulles aan het goede adres zal zijn.

De directeur van Gemeentewerken, ingenieur Kools, is gepolst en wordt beschreven als een persoonlijkheid met "gezonde ideeën en een zelfstandige werker," vergelijkbaar met Van Elk op het gemeentehuis. Kools brandt van verlangen om mee te werken en beheerst Gemeentewerken zo goed dat er geen weerstand te verwachten is, ook al heeft de NSB daar nog geen leden.

De wethouderskwestie
De wethouderskwestie is volgens Pulles belangrijker. Eindhoven heeft vier wethouders die "volslagen onbruikbaar zijn in een nieuwe orde." Pulles sluit de portefeuille-indeling aan bij de bestaande indeling, maar de adviezen voor de wethouders heeft hij via Van Stratum van hoofdambtenaren gekregen.

De onbruikbare wethouders:
A. J. Verhagen (dokter): Pulles beschrijft hem als een bekende visiteur en streber. Hij werd wethouder toen zijn zoon de praktijk overnam, wat puur gebeurde "ter wille van de macht en dubbeltjes." Hij is ondeskundig, bemoeit zich met alle kleinigheden, staat zeer vijandig en is een gevaarlijk type — kortom, onbruikbaar.

F. K. Buskens: Een brave boekhouder en raadslid die wethouder werd voor kostwinning, nadat hij zijn baan verloor door een faillissement. Hij is een onbeduidende, onzelfstandige figuur— een 'Nul'. Hij was wethouder voor het slachthuis, "in plaats van de dokter," en kwam er nooit.

J. van Engeland: Was schoolmeester, toen burgemeester van Tongelre, en werd bij de annexatie wethouder in Eindhoven. Hij is een kleine, onbeduidende figuur, die "van arm schoolmeestertje een rijk man is geworden" en haat het nationaalsocialisme. Hij is nu waarnemend burgemeester en werkt de NSB tegen waar hij kan, nog brutaal. Hij is weg en kan niet mee samengewerkt worden.

P.P.J.A. (Piet) van der Putt: Beschreven als ontwikkeld en zeer slordig, uit een machtige familie in de streek. Hij is de broer van Mr. van der Put en van de burgemeester van der Putt in Geldrop (waarvan Pulles vermoedt dat dit de man was die Kam. Rost in het gezicht sloeg). Hij behoort tot de "Haters van de nieuwe tijd, die opgeruimd moeten worden". Samenwerken met zulke lieden is 'energie verspillen'.

De gevolgen van de keuze
Pulles sluit af met een krachtig argument: er zijn geschikte krachten aanwezig voor de wethoudersposten binnen de NSB-gelederen. Hij schetst twee scenario’s voor de zitting van burgemeester en wethouders.

Met de Ouden: "botsingen, ruzies, tegenwerking, geen resultaten."

Met de Nieuwen: "enthousiaste kameraden, die willen opbouwen met al hun kracht en energie," resulterend in "prettige nuttige besprekingen en samenwerking."

Opvallende, niet-benoemde NSB-kandidaten

Het is opmerkelijk hoeveel personen die aanvankelijk in beeld waren voor een wethouderspost, uiteindelijk toch niet zijn benoemd. Dit zijn enkele van de opvallendste figuren die afvielen:

J. Slingerland
Deze aannemer uit Eindhoven, ook wel bekend als de "bunkerbouwer", had nauwe banden met de Duitse bezetter. Hij verdiende meer dan 1 miljoen gulden aan bouwprojecten in opdracht van de Duitsers. Zijn giften aan de Winterhulp en betaalde advertenties in Duitse SS-bladen waren daarbij verwaarloosbaar in vergelijking met zijn winsten. Na de bevrijding werd aanvankelijk tien jaar gevangenisstraf tegen hem geëist, maar uiteindelijk kreeg hij vijf jaar.

J. C. A. Vroegindeweij
Ook Johan Christoffelinus Adriaan Vroegindeweij (Middelharnis, 9 september 1909 – Veenendaal, 23 maart 1998) viel af als kandidaat-wethouder. Hij werd later de NSB-Kringleider van Eindhoven en hoofd sociaal voorman bij Philips. Hij was reeds in 1934 actief lid van de NSB en had van 1936 tot 1941 in de Provinciale Staten gezeten. Vroegindeweij legde zijn andere functies binnen de NSB neer om zich volledig op de taak als Kringleider te richten.

F. Rijks
F. Rijks, de kringpenningmeester van de NSB, werd eveneens gepasseerd. De reden voor zijn afvallen is niet geheel duidelijk, maar mogelijk speelden interne machtsverhoudingen binnen de NSB een rol.

Een nieuwe wethouder: C. A. M. de Bont
Een nieuw gezicht in het college van B&W was C. A. M. de Bont. Zijn "deskundigheid" bestond voornamelijk uit zijn lidmaatschappen van diverse nationaalsocialistische organisaties, zoals de NSB, NVD, NAF en de Nederlandse SS. Hij had via de Ambo, een nationaalsocialistische woningbouwvereniging, een voormalig Joods huis gekocht. Geruchten gingen dat hij zijn benoeming tot wethouder te danken had aan zijn persoonlijke relatie met gemeentesecretaris Paro.

WETHOUDERS KWESTIE:  “De heren worden bedankt".

Deze twee documenten beschrijven de geplande vervanging van vier zittende "verstokte democratische" wethouders door de nieuwe burgemeester, een nationaal-socialist.
"Samenwerking met democratische wethouders was voor NSB'er Pulles ten enenmale onmogelijk." 

"Toen ik hun daarop de raad gaf hun ontslagaanvraag zelf in te dienen, zeiden zij dit niet te willen doen. Hierop heb ik hun gezegd dat ik van mijn kant alles in het werk zou stellen om hen kwijt te raken." (volgens Pulles).

Pulles: "Ik heb de wethouders nog eens bijeengeroepen en heb hun enkele principiële vragen gesteld over Winterhulp, Volksdienst en de strijd aan het Oostfront. Toen mij bleek dat alle vier de wethouders hiertegenover een volkomen afwijzend standpunt innamen, heb ik hun gezegd dat ik deze bespreking expres belegd had om voor mijzelf zeker te zijn dat mijn houding tegenover hen juist was. Nu dit mij weer overtuigend gebleken was, daar zij stuk voor stuk zeiden op deze en andere nationaalsocialistische gebieden niet tot samenwerking bereid te zijn, was mijn overtuiging gesterkt, dat samenwerking met democratische wethouders voor mij ten enenmale onmogelijk was."

Samenvatting documenten wethouders kwesties

De burgemeester eiste aanvankelijk het ontslag van de vier wethouders als voorwaarde voor zijn benoeming, maar stemde ermee in om deze eis niet te stellen op dringend verzoek van de Beauftragte van de Rijkscommissaris (Thiel). De Beauftragte beloofde hem te helpen de wethouders na zijn benoeming te ontslaan. Pulles weigerde vanaf het begin elke samenwerking met de wethouders.

Conflict met de wethouders
De wethouders klaagden over het gebrek aan communicatie en respect van de burgemeester. In een bijeenkomst confronteerde burgemeester Pulles de wethouders met hun gebrek aan steun en respect voor zijn positie als nationaalsocialist. Hij benadrukte hun onverenigbare standpunten over belangrijke kwesties, zoals Winterhulp, Volksdienst en de oorlog aan het Oostfront. Wethouder Verhagen antwoordde op de beschuldigingen over onjuiste krantenberichten met de veelzeggende uitspraak: "Ja, maar alles wat in de krant staat kunnen we niet gelooven." Pulles adviseerde de wethouders om zelf ontslag te nemen, maar zij weigerden.

Ontslag en benoeming van nieuwe wethouders
Op 22 april 1942 werden de wethouders telefonisch ontslagen door het bureau van de Beauftragte des Reichskommissars voor de Provincie Noordbrabant. De loco-secretaris bracht de wethouders op de hoogte van hun ontslag en nam de nodige maatregelen. Pulles had al sinds november 1941 diverse kandidaten in gedachten voor de nieuwe wethouders. Uiteindelijk werden gekozen: de kameraden (Kd.) F. Hermens (Onderwijs en Kultuurbescherming), H.W. Seegers (Sociale Zaken), C.A.M. de Bont (Financiën) en H. Apeldoorn (Technische Zaken). Na een langdurig proces van goedkeuring en benoemingsprocedures werden de nieuwe wethouders op 6 juni 1942 officieel benoemd.

Deze gebeurtenissen laten zien hoe de gekozen wethouders van voor de oorlog, die democratische waarden vertegenwoordigden, werden vervangen door een bestuur dat onder controle stond van de Duitse bezetter en de nationaalsocialistische ideologie aanhing. Pulles was degene die de opdracht kreeg om de gemeentelijke organisatie te 'nazificeren' en ervoor te zorgen dat deze in lijn was met de nieuwe machthebbers.

Een klein feestje in besloten kring na de benoeming van de NSB-wethouders bij Pulles thuis, 6 juni 1942.

De foto toont een bijeenkomst van het NSB-college.

Achterste rij (van links naar rechts):
Loco-secretaris Paro
Wethouder Seegers
Wethouder Hermens
Burgemeester Pulles
Wethouder Apeldoorn
Wethouder De Bont
Zittend (van links naar rechts):
Onbekende wethouder vrouw
Mevrouw Thiel (tweede van links)
Onbekende wethouder vrouw
Robert Thiel (Beauftragte van Rijkscommissaris Seyss-Inquart in Noord-Brabant)
Mevrouw Pulles
Piet Pulles (zoon van burgemeester en mevrouw Pulles, omgekomen als SS'er aan het Oostfront)
2x Onbekende wethouders vrouwen

De nieuwe NSB wethouders van Eindhoven in een knipseloverzicht van Pulles.
Kwaliteit was niet belangrijk, wel NSB gedachtegoed

Politiekoverzicht, 1e half jaar NSB bewind

Het document beschrijft de ervaringen van een burgemeester in Eindhoven tijdens zijn eerste zes maanden in functie onder de nazi-bezetting. Het document geeft een inzicht in hoe hij zijn ambt uitoefende, met name door het bevorderen van de nationaal-socialistische ideologie in de gemeenschap. Hij beschrijft zijn inspanningen om nationaal-socialistische functionarissen in het gemeentelijke apparaat te integreren, evenals het creëren van een culturele omgeving die de ideologie promoot. Verder worden aantal specifieke incidenten besproken: een conflict met middelbareschoolleerlingen en een ontslag van een gemeentelijke opzichter vanwege het weigeren om de vlag van de beweging op te hangen. Hiernaast pest hij de ontslagen burgermeester zoveel mogelijk. Het document eindigt met de bevestiging dat de burgemeester zijn werk met vastberadenheid voortzet ten dienste van Mussert en het vaderland.

In het verslag van burgemeester Pulles zijn de volgende belangrijke feiten en gebeurtenissen niet vermeld: dat een aantal ambtenaren ontslag heeft genomen en dat hij ervoor heeft gezorgd dat enkele van hen zijn gegijzeld. Ook is niet opgenomen dat pamfletten tegen zijn installatie als burgemeester zijn verspreid en dat Mussert (de Leider van de NSB) niet aanwezig was bij die installatie. Ten slotte laat het verslag onvermeld dat er in de NSB-gelederen weinig kwaliteit aanwezig is voor de bestuurlijke functies.
Bron documenten https://www.rhc-eindhoven.nl/

Iedere maand een feestje in de raadzaal: Deze bijeenkomsten worden in nationaalsocialistische geest gehouden. De zaal wordt versierd met NSB-vlaggen en -emblemen, een portret van de Leider, enzovoorts. De nationaalsocialistische stijl wordt er beoefend, liederen van de Beweging worden gezongen en er worden richtlijnen voor de propaganda gegeven. Voorts wordt op iedere bijeenkomst een spreker uitgenodigd die een onderwerp behandelt dat betrekking heeft op politiek of op het gemeentelijk bestuur.

Samenvatting van het Politiek Overzicht (NSB Eindhoven)
Dit document beschrijft de politieke activiteiten van burgemeester Pulles gedurende de eerste zes maanden van zijn ambtstermijn (eerste helft 1942). Zijn voornaamste doel is de 'nationalisering' van het gemeentelijk apparaat: het infiltreren van de organisatie met leden van de Nationaal-Socialistische Beweging (NSB).

Nationalisering en Partijpromotie
De burgemeester heeft met succes de top van het bestuursapparaat in handen van de NSB gekregen, inclusief vier wethouders en de loco-secretaris. Meer dan 100 NSB-leden zijn op verschillende posities binnen de gemeentelijke organisatie geplaatst.

Maandelijkse bijeenkomsten voor NSB-leden in gemeentelijke dienst worden gehouden in de Raadskamer van het gemeentehuis. Hier worden politieke onderwerpen besproken, de nationaalsocialistische ideologie gepromoot en worden de leden en de NSB-vlaggen en -emblemen getoond.

Pulles stelt dat de 'maandelijkse personeelsoverzichten' aantonen dat het niet-nationaalsocialistische personeel in zekere mate door 'schrik' wordt beïnvloed.

Ondersteuning van NS-Organisaties
Bevordering van de Jeugdstorm: De gewestelijke leiding van de Jeugdstorm werd naar Eindhoven gehaald en in een gemeentelijk pand gehuisvest. Pulles annuleerde een verhuurregeling van zijn voorganger (Verdijk) en gaf de Jeugdstorm dit pand in gebruik. Hij ondersteunde de Jeugdstorm financieel met een extra gift van circa f 3000,-. De opening van het Gewestelijk Kwartier van de Jeugdstorm in Eindhoven werd op 13 juni 1942 met een plechtigheid gevierd.







Ondersteuning van de Nederlandsche SS: Pulles stelde de voormalige ambtswoning van de burgemeester — een ruim gebouw met een grote tuin — ter beschikking aan de Standaard leiding in Noord-Brabant & Limburg van de Nederlandsche SS. De gemeente verleende de nodige faciliteiten om de woning en tuin in orde te brengen.

Incidenten en Bestraffing
Het bezoek van de Leider aan Eindhoven was een hoogtepunt, al vonden er twee incidenten "achter de schermen" plaats, waarbij Pulles uitgebreid gemeentelijke middelen en geld gebruikte om de opstandige ambtenaren en leerlingen te straffen.

Lyceum: De schooljeugd weigerde massaal het Lyceum binnen te gaan vanwege de NSB oranje-wit-blauwe vlag ('prinsenvlag') die was uitgehangen. Pulles sloot de school en legde strenge straffen op. De leerlingen die afwezig waren, moesten tien schooldagen wegblijven (de "eerste hitsers" werden uitgesloten), waarna later nog acht middagen wegblijven werden opgelegd.

Gemeentewerken: De gemeente-opzichter J. A. Moonen saboteerde de opdracht om de NSB-vlag en de Nederlandse vlag op gemeentelijke gebouwen op te hangen. Hij werd op staande voet ontslagen en later door het Duitse "vredesgerechtshof" veroordeeld tot twee weken gevangenisstraf. Later door Duitse "vredesgerechthof" veroordeeld tot twee weken gevangenisstraf.

Conclusie
De burgemeester is tevreden met de voortgang van de nationalisering van de gemeente Eindhoven. Hij benadrukt de medewerking van de wethouders en de secretaris en is vastbesloten om zijn doel, het dienen van de Leider, het volk en het vaderland, voort te zetten.

De brief sluit af met de groet Hou Zee!

21 februari 1942: Installatie van dr. H.A. Pulles als NSB-burgemeester van Eindhoven. Na zijn installatie inspecteert dr. Pulles een erewacht van de Weerafdeling van de NSB.
foto https://www.rhc-eindhoven.nl


21 februari 1942: Installatie van dr H.A. Pulles als NSB-burgemeester
foto https://www.rhc-eindhoven.nl

Dr. H. A. PULLES voor het Tribunaal Slotzitting van de Derde Kamer. bron Delpher

Nasleep en Veroordeling van Hub Pulles
De straf die Hub Pulles kreeg, was relatief laag in vergelijking met andere collaborateurs. Dit kwam doordat men hem zag als een gematigde NSB'er. Echter, ook zijn "gematigde" beleid heeft bijgedragen aan de vervolging en dood van vele mensen tijdens de Duitse bezetting. Bovendien was hij persoonlijk verantwoordelijk voor de arrestatie en gevangenschap van een aantal ambtenaren en tegenstanders van het naziregime. Pulles heeft uiteindelijk 3,5 jaar vastgezeten in Kamp Vught, en zijn vrouw 1,5 jaar in diverse kampen.

Zijn vrouw, Catharina Henriette Maria ('To') Swinkels, werd veroordeeld voor propaganda voor het nationaalsocialisme. Na hun vrijlating vestigde het echtpaar zich in Lieshout, waar ze een zomerwoning hadden. Hub Pulles overleed daar in 1969 op 73-jarige leeftijd. 'To' Pulles-Swinkels bereikte de leeftijd van 100 jaar en overleed in 2001 in Tiel.

Opmerkelijk is dat 'To' Swinkels in 1990/1991 nog haar kant van het verhaal heeft gedaan in het boek "B&W Rond de Tweede Wereldoorlog in Groot-Eindhoven" van Frans Dekkers.

Bronvermelding
NSB in Eindhoven uitgebreid behandeld op::
https://www.eindhoven4044.nl/9/NSB-Eindhoven.html
https://www.eindhoven4044.nl/9/NSB-eindhoven1941-1944.html

Bronnen:

Eindhoven 1933 - 1945: kroniek van Nederlands Lichtstad in de schaduw van het Derde Rijk door Frans Dekkers, 1982 https://www.fransdekkers.nl/boeken.html

B&W Rond de Tweede Wereldoorlog in Groot-Eindhoven door Frans Dekkers, 1992

Archief NIOD, Amsterdam

Pulles archief online https://www.rhc-eindhoven.nl

Kranten en Tijdschriften https://www.delpher.nl